Doorgaan naar artikel
Voor 23:00 besteld, morgen in huis

Gratis verzending boven de €75

Tot 15% korting met abonnement

Blog

Opvliegers: oorzaken en 10 tips om ermee om te gaan

Opvliegers: oorzaken en 10 tips om ermee om te gaan

Krijg je opeens een golf van warmte over je heen, wordt je gezicht rood en begin je te zweten? Dan heb je waarschijnlijk een opvlieger. Opvliegers behoren tot de meest kenmerkende klachten van de overgang. Een opvlieger kan heel onverwacht komen: tijdens een vergadering, in bed of terwijl je gewoon boodschappen doet. Helemaal voorkomen lukt meestal niet. Wel kun je ontdekken wat jouw persoonlijke triggers zijn, praktische maatregelen nemen en bij veel hinder kiezen uit verschillende bewezen behandelopties. Wat is een opvlieger? Een opvlieger is een plotselinge warmte-aanval. De warmte begint vaak in je bovenlichaam, hals of gezicht en kan zich verder over je lichaam verspreiden. Je kunt daarbij merken dat: je het plotseling heel warm krijgt; je gezicht, hals of borst rood wordt; je gaat zweten; je hart sneller klopt; je daarna juist koud wordt of gaat rillen. De meeste opvliegers duren enkele minuten, maar de duur en frequentie verschillen sterk. Sommige vrouwen hebben er af en toe één, terwijl anderen er meerdere per dag of zelfs per uur ervaren. Treden de warmte-aanvallen vooral 's nachts op en word je zwetend wakker? Dan spreken we vaak van nachtzweten. Vanaf welke leeftijd kun je opvliegers krijgen? Opvliegers kunnen al tijdens de perimenopauze ontstaan. Dat is de fase vóór de laatste menstruatie waarin je cyclus en hormoonproductie beginnen te veranderen. Er bestaat geen vaste leeftijd waarop opvliegers beginnen. Bij sommige vrouwen ontstaan ze rond het veertigste levensjaar, bij anderen pas veel later. Wil je meer weten over wanneer deze fase doorgaans begint? Lees dan ons artikel over de leeftijd waarop de perimenopauze kan beginnen. Opvliegers kunnen meerdere jaren aanwezig blijven. Hoe lang en hoe vaak je ze hebt, verschilt sterk per persoon. Wat is de oorzaak van opvliegers? Opvliegers hangen samen met veranderingen in de temperatuurregeling van het lichaam tijdens de menopauzale transitie. Hormoonschommelingen spelen daarbij een belangrijke rol. Vooral veranderingen in de blootstelling aan oestrogeen beïnvloeden hersengebieden en signaalstoffen die betrokken zijn bij de regulatie van de lichaamstemperatuur. Ook het neurokinine-systeem speelt hierbij een rol. Het gevolg is dat het gebied waarin je lichaam een temperatuur als comfortabel ervaart smaller wordt. Een kleine temperatuurverandering kan daardoor al een reactie uitlokken waarbij je bloedvaten verwijden en je gaat zweten om warmte kwijt te raken. Het is daarom te simpel om oestrogeen alleen als ‘de boosdoener’ aan te wijzen. Opvliegers ontstaan door een samenspel van hormonale en neurologische veranderingen. Meer achtergrondinformatie over hormoonveranderingen tijdens deze fase vind je in ons artikel over hormonen en overgangsklachten. Zijn warmte-aanvallen altijd opvliegers door de overgang? Nee. Zeker rond de overgang zijn opvliegers een voor de hand liggende verklaring, maar warmte-aanvallen en zweten kunnen ook andere oorzaken hebben. Denk bijvoorbeeld aan: bijwerkingen van bepaalde medicijnen; overmatig alcoholgebruik; een te snel werkende schildklier; angst- of paniekaanvallen; koorts of een infectie; andere, minder vaak voorkomende medische oorzaken. Bespreek nieuwe of onverklaarde klachten daarom met je huisarts wanneer het beeld niet goed bij de overgang past. Kun je opvliegers voorkomen? Opvliegers volledig voorkomen is meestal niet mogelijk. Er is geen voedingspatroon, supplement of leefstijlinterventie waarvan is aangetoond dat die bij iedereen opvliegers voorkomt. Wel kun je praktische maatregelen nemen en onderzoeken of bepaalde omstandigheden jouw opvliegers uitlokken of erger maken. Hieronder vind je tien tips. 10 tips bij opvliegers 1. Draag kleding in laagjes Een opvlieger kan plotseling ontstaan. Kleding in meerdere dunne lagen maakt het makkelijker om snel iets uit te trekken. Kies vooral kleding waarin jij je comfortabel voelt. Luchtige stoffen kunnen prettig zijn wanneer je veel zweet. Koele kleding en aanpassingen aan de omgeving kunnen een opvlieger prettiger maken, maar er is weinig bewijs dat ze de opvliegers zelf duidelijk verminderen. 2. Ontdek je persoonlijke triggers Alcohol, cafeïne, pittig eten en hete dranken worden vaak genoemd als mogelijke triggers. Dat betekent niet dat iedere vrouw ze hoeft te vermijden. Merk je een verband? Houd dan een paar weken bij: wanneer een opvlieger optreedt; wat je kort daarvoor hebt gegeten of gedronken; hoeveel alcohol of cafeïne je gebruikte; of je gespannen was; hoe warm de omgeving was; hoe je de nacht ervoor hebt geslapen. Zo kun je ontdekken of er bij jou een herkenbaar patroon bestaat. 3. Kies voor een volwaardig voedingspatroon Er bestaat geen speciaal dieet dat opvliegers bewezen voorkomt. Een voedingspatroon met veel groente en fruit, volkorenproducten, peulvruchten, noten, voldoende eiwitten en voornamelijk onverzadigde vetten ondersteunt wel je algemene gezondheid tijdens en na de overgang. Het is niet nodig om suiker of koolhydraten volledig te vermijden om opvliegers tegen te gaan. Wil je meer praktische informatie? Lees dan ons artikel over voeding tijdens de perimenopauze. 4. Houd je slaapkamer koel Vooral bij nachtzweten kan een koele slaapomgeving prettiger zijn. Denk aan: een koele slaapkamer; luchtig beddengoed; meerdere dunne lagen die je makkelijk kunt verwijderen; een ventilator wanneer je dat prettig vindt. Dit vermindert niet noodzakelijk het aantal nachtelijke opvliegers, maar kan wel helpen om comfortabeler te slapen. 5. Besteed aandacht aan stress en ontspanning Stress veroorzaakt de overgang niet en is ook niet bewezen als dé oorzaak van opvliegers. Sommige vrouwen merken wel dat warmte-aanvallen vaker of hinderlijker zijn tijdens gespannen momenten. Ontspanning, wandelen, yoga of mindfulness kunnen waardevol zijn voor je algemene welzijn en stressniveau. Het wetenschappelijke bewijs dat ontspanningstechnieken het aantal opvliegers sterk verminderen is echter beperkt. Lees voor meer praktische handvatten ook ons artikel over minder stress en meer ontspanning. 6. Blijf regelmatig bewegen Regelmatige lichaamsbeweging is belangrijk voor je hart, botten, spieren, conditie en algemene gezondheid tijdens de overgang. Het bewijs dat beweging op zichzelf opvliegers duidelijk vermindert, is minder overtuigend. Je hoeft sporten daarom niet te vermijden uit angst voor opvliegers. Kies een vorm en intensiteit waarbij jij je prettig voelt en bouw rustig op wanneer je niet gewend bent om te bewegen. 7. Geef slaap voldoende aandacht Nachtelijke opvliegers kunnen je slaap behoorlijk verstoren. Andersom kan slecht slapen ervoor zorgen dat je overdag minder goed met klachten om kunt gaan. Een regelmatig slaapritme, een koele slaapkamer en matig alcoholgebruik kunnen een goede slaap ondersteunen. Heb je langdurig last van slapeloosheid? Dan zijn alleen slaaphygiënetips soms niet voldoende. Cognitieve gedragstherapie voor slapeloosheid (CGT-I) is bij chronische slapeloosheid beter onderbouwd. 8. Beperk alcohol als je merkt dat het klachten uitlokt Alcohol hoeft niet bij iedere vrouw een opvlieger te veroorzaken. Toch herkennen sommige vrouwen alcohol als trigger. Een periode minder of geen alcohol drinken kan helpen om te ontdekken of dit bij jou verschil maakt. Los van opvliegers geldt dat minder alcohol drinken gezondheidsvoordelen heeft. 9. Probeer niet onnodig allerlei voedingsmiddelen of stoffen te vermijden Je komt online veel adviezen tegen om koffie, koolhydraten, bepaalde vetten, plastic, cosmetica of specifieke voedingsmiddelen te vermijden om je hormonen ‘in balans’ te brengen. Voor zulke brede adviezen bestaat geen overtuigend bewijs als behandeling van opvliegers. Een gevarieerde voeding en gezonde leefstijl zijn belangrijk. Je hoeft je lichaam niet te ‘detoxen’ of je oestrogeenproductie zelf te herstellen. 10. Zoek behandeling als opvliegers veel hinder geven Blijven opvliegers je slaap, werk of dagelijks leven verstoren? Dan zijn er meer opties dan leefstijltips alleen. Je hoeft ernstige opvliegers niet jarenlang voor lief te nemen. Wat helpt aantoonbaar tegen opvliegers? Hormoontherapie Menopauzale hormoontherapie, ook HRT of MHT genoemd, is de effectiefste behandeling voor hinderlijke opvliegers en nachtzweten. Hormoontherapie bevat oestrogeen. Wanneer je een baarmoeder hebt, is daarnaast doorgaans een progestageen nodig om het baarmoederslijmvlies te beschermen. Of hormoontherapie geschikt is, hangt af van je persoonlijke situatie, waaronder: je leeftijd; medische voorgeschiedenis; tijd sinds de menopauze; eventuele risicofactoren; het type en de ernst van je klachten. Bespreek de voor- en nadelen daarom met je huisarts. Wil je meer achtergrondinformatie over hormonen als behandeloptie? Lees dan ons artikel over bio-identieke hormonen tijdens de (peri)menopauze. Cognitieve gedragstherapie Menopauzespecifieke cognitieve gedragstherapie kan helpen om de hinder die je door opvliegers ervaart te verminderen en kan ook slaap ondersteunen. Dat betekent niet dat opvliegers ‘tussen je oren zitten’. CGT verandert de hormonale oorzaak niet, maar kan invloed hebben op de manier waarop je met de klachten omgaat en hoeveel hinder je ervan ervaart. Niet-hormonale medicijnen Wanneer hormoontherapie niet gewenst of niet geschikt is, bestaan er in sommige situaties ook niet-hormonale medicijnen. Welke opties beschikbaar en passend zijn, hangt af van je gezondheid en de geldende Nederlandse richtlijnen. Bespreek dit met je huisarts. Helpen kruiden tegen opvliegers? Kruiden worden veel gebruikt tijdens de overgang, maar ‘natuurlijk’ betekent niet automatisch ‘bewezen effectief’ of ‘zonder risico’. Zwarte zilverkaars Zwarte zilverkaars (Actaea racemosa, ook Cimicifuga racemosa) is uitgebreid onderzocht bij overgangsklachten. De onderzoeksresultaten zijn echter niet volledig consistent. Sommige specifieke preparaten laten gunstige resultaten zien, terwijl andere onderzoeken en richtlijnen onvoldoende overtuigend bewijs vinden om zwarte zilverkaars routinematig aan te bevelen. Ook verschillen preparaten sterk van elkaar. Resultaten van onderzoek naar één gestandaardiseerd extract kunnen daarom niet automatisch worden toegepast op ieder supplement met zwarte zilverkaars. Er zijn bovendien meldingen van leverproblemen. Gebruik vraagt extra voorzichtigheid bij een leveraandoening. Rode klaver Rode klaver bevat isoflavonen. Sommige onderzoeken suggereren een kleine afname van opvliegers, maar de resultaten verschillen sterk tussen preparaten en studies. Het bewijs is daarom beperkt. Rode klaver kan niet worden gepresenteerd als een bewezen behandeling tegen opvliegers. Extra voorzichtigheid is verstandig bij hormoongevoelige aandoeningen en bij gebruik van antistollingsmiddelen. Hoe zit het met Pre Menopause Support? Supplementen kunnen in sommige situaties een aanvulling zijn, maar het wetenschappelijke bewijs verschilt sterk per ingrediënt en preparaat. Ze vervangen geen medische beoordeling of bewezen behandeling. Wil je weten welke ingrediënten Viv Support gebruikt? Bekijk dan de samenstelling van Pre Menopause Support. Voor zwarte zilverkaars wordt binnen de productcommunicatie de volgende on-hold gezondheidsclaim gebruikt: ondersteunt bij typische overgangsverschijnselen, zoals opvliegers en nachtelijk transpireren. *Evaluatie gezondheidsclaims is lopende. Bespreek supplementgebruik met je huisarts of apotheker wanneer je medicijnen gebruikt, een medische aandoening hebt of eerder een leveraandoening hebt gehad. Hoe vaak kun je opvliegers krijgen? Dat verschilt enorm. Sommige vrouwen hebben maar af en toe een opvlieger. Andere vrouwen krijgen er meerdere per dag of zelfs meerdere per uur. Ook de duur verschilt. Opvliegers kunnen enkele jaren aanhouden en bij een deel van de vrouwen aanzienlijk langer. Een symptoomdagboek kan helpen om inzicht te krijgen in: frequentie; duur; mogelijke triggers; invloed op slaap; invloed op werk en dagelijks functioneren. Het kan ook handig zijn wanneer je je klachten later met je huisarts bespreekt. Wanneer contact opnemen met de huisarts? Neem contact op met je huisarts wanneer: opvliegers je slaap of dagelijks functioneren duidelijk verstoren; je niet zeker weet of de warmte-aanvallen door de overgang komen; je klachten vóór je 40e ontstaan; je naast de warmte-aanvallen andere opvallende of nieuwe klachten krijgt; je vragen hebt over hormoontherapie of andere medicijnen; je een supplement of kruid wilt gebruiken terwijl je medicijnen gebruikt of een aandoening hebt. Heb je koorts, onverklaarbaar gewichtsverlies, ernstige hartkloppingen, pijn op de borst of andere klachten die niet goed passen bij gewone opvliegers? Laat dit medisch beoordelen. Veelgestelde vragen over opvliegers Hoe voelt een opvlieger? Een opvlieger is meestal een plotselinge golf van warmte die vaak begint in het bovenlichaam, de hals of het gezicht. Je kunt rood worden, zweten, hartkloppingen krijgen en daarna juist rillen. Hoe lang duurt een opvlieger? De meeste opvliegers duren ongeveer drie tot vijf minuten, maar ze kunnen korter of langer duren. Waarom heb ik vooral 's nachts opvliegers? Opvliegers kunnen op ieder moment ontstaan. Wanneer ze 's nachts optreden, worden ze vaak nachtelijke zweetaanvallen genoemd. Ze kunnen je slaap onderbreken en daardoor overdag vermoeidheid veroorzaken. Kan koffie opvliegers veroorzaken? Bij sommige vrouwen lijkt cafeïne een persoonlijke trigger te zijn, maar dit geldt niet voor iedereen. Het is zinvoller om je eigen patroon te observeren dan koffie standaard volledig te vermijden. Helpt sporten tegen opvliegers? Sporten heeft veel gezondheidsvoordelen tijdens de overgang, maar het is niet overtuigend aangetoond dat bewegen het aantal opvliegers sterk vermindert. Wat werkt het beste tegen ernstige opvliegers? Systemische hormoontherapie is de effectiefste behandeling voor hinderlijke opvliegers en nachtzweten. Of hormoontherapie voor jou geschikt is, moet samen met je huisarts worden beoordeeld. Kunnen supplementen opvliegers verminderen? Voor de meeste supplementen is het bewijs beperkt, inconsistent of onvoldoende. Sommige stoffen en kruiden zijn onderzocht, maar hun gemiddelde effecten zijn kleiner en minder zeker dan die van bewezen medische behandelingen. Samengevat Opvliegers behoren tot de meest kenmerkende klachten van de overgang. Ze ontstaan waarschijnlijk doordat hormonale en neurologische veranderingen de temperatuurregeling in je hersenen beïnvloeden. Je kunt opvliegers niet altijd voorkomen. Praktische maatregelen zoals laagjes dragen, je slaapkamer koel houden en persoonlijke triggers herkennen kunnen het leven ermee wel gemakkelijker maken. Een gezonde voeding, beweging en goede slaap blijven belangrijk voor je algemene gezondheid, maar zijn geen gegarandeerde behandeling van opvliegers. Heb je veel last? Dan bestaan er effectieve behandelopties. Menopauzale hormoontherapie is het meest effectief tegen hinderlijke opvliegers en nachtzweten. Bespreek met je huisarts welke aanpak bij jouw gezondheid en voorkeuren past. Medische disclaimer De medische informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld als algemene informatie en is geen vervanging voor persoonlijk medisch advies, een diagnose of behandeling. Gebruik de informatie niet om zelf een medische aandoening vast te stellen of een behandeling te starten, te wijzigen of te stoppen. Neem bij klachten, vragen over medicatie of supplementen, of zorgen over je gezondheid contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). NHG-Standaard De overgang. Geraadpleegd september 2026. National Institute for Health and Care Excellence (NICE). Menopause: identification and management. NICE guideline NG23. Actuele versie 2026. Thuisarts.nl. Ik ben in de overgang en heb opvliegers, wat helpt? Actuele online patiënteninformatie. Geraadpleegd september 2026. The Menopause Society. The 2023 Nonhormone Therapy Position Statement of The North American Menopause Society. Menopause. 2023. National Institute for Health and Care Excellence (NICE). Menopause: identification and management – management of vasomotor symptoms. NG23. European Medicines Agency, Committee on Herbal Medicinal Products. Cimicifugae rhizoma – European Union herbal monograph and public summary. European Medicines Agency.

Lees meer
Overgangsverschijnselen: complete gids voor herkennen en behandelen

Overgangsverschijnselen: complete gids voor herkennen en behandelen

Verandert je menstruatie ineens? Word je 's nachts wakker van het zweten of krijg je overdag plotseling een opvlieger? Misschien vraag je je af of de overgang is begonnen. Overgangsverschijnselen kunnen al tijdens de perimenopauze ontstaan. Bekende voorbeelden zijn veranderingen in de menstruatie, opvliegers, nachtzweten en vaginale droogheid. Ook slaap, stemming, concentratie, seksualiteit en spieren en gewrichten kunnen veranderen, maar zulke klachten hebben niet altijd alleen met de overgang te maken. Niet iedere vrouw ervaart de overgang hetzelfde. Sommige vrouwen merken weinig, terwijl anderen jarenlang klachten hebben die hun slaap, werk of dagelijks leven behoorlijk beïnvloeden. In deze gids lees je welke overgangsverschijnselen kunnen voorkomen, hoe je de verschillende fases herkent, wat je zelf kunt doen en welke medische behandelingen beschikbaar zijn. Wat zijn overgangsverschijnselen? Overgangsverschijnselen zijn lichamelijke of psychische veranderingen die tijdens de menopauzale transitie kunnen optreden. Tijdens deze periode verandert de werking van de eierstokken. De eisprong wordt minder voorspelbaar en de productie van hormonen zoals oestradiol en progesteron verandert. Uiteindelijk stopt de menstruatie definitief. Vooral opvliegers, nachtzweten, veranderingen in het menstruatiepatroon en vaginale en urinewegklachten zijn kenmerkend voor deze levensfase. Andere veranderingen, zoals vermoeidheid, slecht slapen, stemmingswisselingen en concentratieproblemen, komen eveneens voor maar zijn minder specifiek. Ze kunnen ook andere oorzaken hebben. Dat onderscheid is belangrijk: niet iedere klacht die rond je veertigste of vijftigste ontstaat, wordt automatisch door de overgang veroorzaakt. Wat is het verschil tussen overgang, perimenopauze en menopauze? Deze termen worden vaak door elkaar gebruikt, maar betekenen niet hetzelfde. Premenopauze Premenopauze betekent letterlijk de periode vóór de menopauze. Medisch wordt de term meestal gebruikt voor de vruchtbare levensfase voordat de menopauzale transitie begint. Perimenopauze De perimenopauze is de periode waarin de eerste veranderingen rondom de menopauze ontstaan. Je menstruatiecyclus kan veranderen en overgangsverschijnselen zoals opvliegers kunnen beginnen. Er bestaat geen vaste leeftijd waarop dit gebeurt. Wil je weten wanneer deze fase kan beginnen? Lees dan ons uitgebreide artikel over de leeftijd en signalen van de perimenopauze. Menopauze De menopauze is je laatste spontane menstruatie. Je weet daarom pas achteraf wanneer die heeft plaatsgevonden. Bij vrouwen die geen hormonale anticonceptie gebruiken wordt de natuurlijke menopauze doorgaans vastgesteld wanneer er twaalf maanden geen menstruatie is geweest en er geen andere verklaring voor het uitblijven van de menstruatie bestaat. Postmenopauze De postmenopauze is de levensfase na de menopauze. Deze duurt de rest van je leven. Overgangsverschijnselen verdwijnen dus niet noodzakelijk direct na de laatste menstruatie. Vooral opvliegers en nachtzweten kunnen nog jarenlang aanwezig blijven. Welke overgangsverschijnselen komen vaak voor? De ervaring verschilt sterk per persoon. Hieronder staan veranderingen die tijdens de overgang regelmatig worden gemeld. 1. Een veranderende menstruatie Een verandering van je menstruatiepatroon is vaak een van de eerste aanwijzingen van de perimenopauze. Je cyclus kan bijvoorbeeld: korter of langer worden; minder voorspelbaar worden; menstruaties overslaan; gepaard gaan met meer of minder bloedverlies. Niet iedere verandering in bloedverlies hoort automatisch bij de overgang. Zeer hevig of langdurig bloedverlies, bloedverlies tussen menstruaties en bloedverlies na seks kunnen reden zijn om contact op te nemen met je huisarts. Krijg je na twaalf maanden zonder menstruatie opnieuw vaginaal bloedverlies? Laat dit altijd medisch beoordelen. 2. Opvliegers Opvliegers zijn een van de meest kenmerkende overgangsverschijnselen. Je krijgt plotseling een warmtegevoel, meestal in het bovenlichaam, de hals of het gezicht. Je huid kan rood worden en je kunt gaan zweten. Daarna kun je het juist koud krijgen. Opvliegers hangen samen met veranderingen in de temperatuurregulatie van het lichaam tijdens de menopauzale transitie. Wil je weten wat je zelf kunt doen en welke behandelingen het best zijn onderzocht? Lees dan verder over oorzaken en behandeling van opvliegers. 3. Nachtzweten en slaapproblemen Een opvlieger die 's nachts optreedt kan je wakker maken doordat je hevig transpireert. Daardoor kan een vicieuze cirkel ontstaan: je slaap wordt onderbroken, je bent overdag vermoeider en je concentratie kan afnemen. Maar slaapproblemen tijdens de overgang worden niet uitsluitend door nachtzweten veroorzaakt. Ook stress, stemming, slaapgewoonten, slaapapneu, rusteloze benen en andere gezondheidsproblemen kunnen een rol spelen. Meer informatie vind je in ons artikel over slecht slapen tijdens de perimenopauze. 4. Veranderingen in stemming Tijdens de perimenopauze kunnen sommige vrouwen meer last krijgen van prikkelbaarheid, sombere gevoelens of stemmingswisselingen. Dat betekent niet dat iedere stemmingsverandering ‘door de hormonen komt’. Slaaptekort, stress, relatieproblemen, werkdruk, eerdere psychische klachten en andere omstandigheden kunnen eveneens bijdragen aan hoe je je voelt. Ernstige of aanhoudende somberheid, angst of verlies van levenslust verdient professionele aandacht en moet niet automatisch als overgangsklacht worden afgedaan. 5. Concentratie en geheugen Merk je dat je vaker naar woorden zoekt of minder gemakkelijk meerdere dingen tegelijk doet? Sommige vrouwen ervaren tijdens de overgang veranderingen in concentratie en geheugen. Deze klachten worden soms omschreven als brain fog. Slaaptekort, stress en stemmingsklachten kunnen hierbij eveneens een rol spelen. Meer achtergrond vind je in ons artikel over het brein tijdens de menopauze. 6. Vaginale droogheid en urinewegklachten Door veranderingen in de oestrogeenblootstelling kunnen de weefsels van de vulva, vagina en urinewegen veranderen. Mogelijke gevolgen zijn: vaginale droogheid; irritatie of een branderig gevoel; pijn of ongemak tijdens seks; veranderingen rond plassen; terugkerende urinewegklachten. Deze klachten worden samen ook wel het genitourinair syndroom van de menopauze (GSM) genoemd. Anders dan sommige andere overgangsverschijnselen verdwijnen deze klachten zonder behandeling niet noodzakelijk vanzelf en kunnen ze na de menopauze juist toenemen. Lees meer over vaginale droogheid tijdens de menopauze. 7. Hartkloppingen Sommige vrouwen ervaren tijdens de overgang hartkloppingen of merken hun hartslag sterker op. Hartkloppingen kunnen echter veel verschillende oorzaken hebben, waaronder stress, cafeïne, bloedarmoede, schildklierproblemen en hartritmestoornissen. Nieuwe, hevige of aanhoudende hartkloppingen moet je daarom niet zonder meer aan de overgang toeschrijven. Meer hierover lees je in ons artikel over hartkloppingen tijdens de overgang. 8. Spieren en gewrichten Spier- en gewrichtsklachten worden tijdens de overgang regelmatig gemeld. De relatie met hormonale veranderingen is waarschijnlijk complex en klachten kunnen ook ontstaan door bijvoorbeeld artrose, blessures, overbelasting of andere aandoeningen. Bewegen en krachttraining blijven tijdens en na de overgang belangrijk voor spieren, botten en algemene gezondheid. Lees meer over pijnlijke gewrichten tijdens de menopauze. 9. Veranderingen in gewicht en lichaamssamenstelling Rond de menopauze verandert bij veel vrouwen de lichaamssamenstelling. Daarbij spelen zowel veroudering als hormonale veranderingen een rol. De vetverdeling kan verschuiven richting de buik, terwijl spiermassa met het ouder worden kan afnemen. Dat betekent niet dat de overgang automatisch gewichtstoename veroorzaakt of dat gewichtstoename simpelweg door een ‘hormonale disbalans’ komt. Voeding, beweging, slaap, medicatie, gezondheid en leeftijd spelen eveneens een rol. 10. Veranderingen in seksualiteit Tijdens de overgang kan het seksuele welzijn veranderen. Dat kan bijvoorbeeld samenhangen met: vaginale droogheid; pijn tijdens seks; slechter slapen; stress; stemming; relatieomstandigheden; medicatie; veranderingen in seksueel verlangen. Ook hierbij bestaat dus zelden één simpele hormonale verklaring. Welke overgangsverschijnselen zijn het meest kenmerkend? Niet iedere klacht heeft dezelfde sterke relatie met de menopauze. Het duidelijkst gerelateerd aan de menopauzale transitie zijn: opvliegers; nachtzweten; veranderingen in de menstruatie; vaginale droogheid en andere genitourinaire veranderingen. Slaap-, stemmings-, cognitieve, seksuele en spier- en gewrichtsklachten kunnen eveneens tijdens deze periode voorkomen, maar hebben vaker meerdere mogelijke oorzaken. Dat onderscheid helpt voorkomen dat andere gezondheidsproblemen over het hoofd worden gezien. Hoe weet je of je in de overgang bent? Bij gezonde vrouwen van 45 jaar en ouder met passende veranderingen in menstruatie en overgangsverschijnselen zijn bloedtesten meestal niet nodig om de perimenopauze of menopauze vast te stellen. Hormoonwaarden kunnen tijdens de perimenopauze sterk fluctueren. Eén losse FSH- of oestradiolmeting geeft daarom vaak weinig bruikbare informatie. Bloedonderzoek kan in specifieke situaties wel zinvol zijn, bijvoorbeeld wanneer een vroege menopauze wordt vermoed of wanneer een arts een andere aandoening wil uitsluiten. Wat kun je zelf doen tijdens de overgang? Een gezonde leefstijl kan je algemene gezondheid ondersteunen tijdens en na de overgang. Belangrijke aandachtspunten zijn: regelmatig bewegen; krachttraining; gevarieerd en volwaardig eten; voldoende eiwitten; niet roken; alcohol beperken; aandacht besteden aan slaap; voldoende ontspanning en herstel. Deze maatregelen zijn belangrijk voor onder andere je spieren, botten en hart- en vaatgezondheid. Ze zijn echter geen garantie dat overgangsverschijnselen verdwijnen. Vooral bij hinderlijke opvliegers, nachtzweten of vaginale klachten kunnen specifieke behandelingen effectiever zijn. Welke behandelingen zijn er bij overgangsverschijnselen? Welke behandeling geschikt is, hangt af van welke klachten je hebt, hoeveel hinder je ervan ervaart en je persoonlijke medische situatie. Menopauzale hormoontherapie Menopauzale hormoontherapie (MHT of HRT) is de effectiefste behandeling voor hinderlijke opvliegers en nachtzweten. Systemische hormoontherapie bevat oestrogeen. Wanneer je een baarmoeder hebt, is daarnaast doorgaans een progestageen nodig om het baarmoederslijmvlies te beschermen. Hormoontherapie bestaat onder andere in de vorm van: tabletten; pleisters; gels; sprays. Welke vorm passend is, hangt af van je gezondheid, voorkeuren en persoonlijke risicofactoren. Hormoontherapie heeft voordelen én mogelijke risico's. Leeftijd, tijd sinds de menopauze, type hormoon, dosis, gebruiksduur, toedieningsvorm en medische voorgeschiedenis spelen allemaal mee. Bespreek daarom samen met je huisarts welke behandeling bij jouw situatie past. Behandeling van vaginale klachten Bij vaginale droogheid en andere klachten van het genitourinair syndroom van de menopauze kunnen vaginale moisturizers en glijmiddelen helpen. Lokaal vaginaal oestrogeen is daarnaast een effectieve behandeling voor vaginale droogheid en pijn tijdens seks. Cognitieve gedragstherapie Menopauzespecifieke cognitieve gedragstherapie (CGT) kan helpen bij de hinder van opvliegers en kan ook ondersteuning bieden bij slaapproblemen. Dit betekent niet dat de klachten psychisch zijn. De therapie richt zich onder andere op hoe je met lichamelijke klachten en de gevolgen daarvan omgaat. Niet-hormonale medicatie Wanneer hormoontherapie niet geschikt of niet gewenst is, zijn er voor bepaalde overgangsklachten ook niet-hormonale medische behandelingen. Welke optie passend is, bespreek je met je huisarts. En supplementen tijdens de overgang? Supplementen worden veel gebruikt tijdens de perimenopauze en menopauze, maar de wetenschappelijke onderbouwing verschilt sterk per ingrediënt. Voor veel supplementen en kruiden is het bewijs voor het verminderen van overgangsklachten beperkt, tegenstrijdig of onvoldoende. Dat betekent niet dat een supplement per definitie niets kan betekenen. Het betekent wel dat supplementen niet op hetzelfde bewijsniveau staan als bijvoorbeeld hormoontherapie voor opvliegers of lokaal vaginaal oestrogeen bij vaginale droogheid. Een tekort aan een voedingsstof corrigeren is bovendien iets anders dan een supplement gebruiken om overgangsverschijnselen te behandelen. Zwarte zilverkaars en monnikspeper Zwarte zilverkaars (Actaea racemosa) is onderzocht bij overgangsverschijnselen, maar onderzoeksresultaten verschillen tussen studies en preparaten. Daardoor kan niet algemeen worden gesteld dat ieder supplement met zwarte zilverkaars bewezen overgangsklachten vermindert. Ook voor andere kruiden geldt dat de werkzaamheid en veiligheid afhangen van het specifieke extract, de dosis en de persoon die het gebruikt. Viv Support heeft Pre Menopause Support, met onder andere zwarte zilverkaars en monnikspeper. Voor zwarte zilverkaars wordt binnen de productcommunicatie de on-hold gezondheidsclaim gebruikt dat het ondersteunt bij typische overgangsverschijnselen, zoals opvliegers, nachtelijk transpireren, wisselende stemmingen en prikkelbare gevoelens.* *Evaluatie gezondheidsclaims is lopende. Wil je alleen weten welke ingrediënten het product bevat? Bekijk dan de samenstelling van Pre Menopause Support. Supplementen zijn geen vervanging voor diagnostiek of een medische behandeling. Zwarte zilverkaars kent bovendien belangrijke aandachtspunten en is niet voor iedereen geschikt, bijvoorbeeld bij bepaalde leveraandoeningen of een voorgeschiedenis van hormoonafhankelijke tumoren. Bespreek supplementgebruik met je huisarts of apotheker wanneer je medicijnen gebruikt of een medische aandoening hebt. Wanneer contact opnemen met de huisarts? Neem contact op met je huisarts wanneer: overgangsverschijnselen veel invloed hebben op je slaap, werk of dagelijks functioneren; je vóór je 45e duidelijke aanwijzingen voor de overgang hebt, en zeker wanneer dit vóór je 40e gebeurt; je zeer hevig of langdurig menstrueel bloedverlies hebt; je tussen menstruaties door bloed verliest; je bloed verliest na seks; je na twaalf maanden zonder menstruatie opnieuw vaginaal bloedverlies krijgt; je ernstige of aanhoudende somberheid of angst ervaart; je nieuwe of ernstige hartkloppingen hebt; je niet zeker weet of je klachten door de overgang komen; je hormoontherapie wilt bespreken; je vragen hebt over supplementen in combinatie met medicatie of een medische aandoening. Vaginaal bloedverlies na de menopauze moet altijd medisch worden beoordeeld. Bij ernstige acute klachten, zoals pijn op de borst, flauwvallen, ernstige benauwdheid, hevig bloedverlies met duizeligheid of suïcidale gedachten, is snelle medische hulp nodig. Veelgestelde vragen over overgangsverschijnselen Wat zijn de eerste overgangsverschijnselen? Een veranderend menstruatiepatroon is vaak een vroege aanwijzing. Ook opvliegers, nachtzweten en veranderingen in slaap kunnen tijdens de perimenopauze ontstaan. Welke verandering als eerste optreedt, verschilt per vrouw. Wat zijn de meest voorkomende overgangsverschijnselen? Veelgenoemde verschijnselen zijn veranderingen in de menstruatie, opvliegers, nachtzweten, vaginale droogheid, slaapproblemen en veranderingen in stemming. Vooral opvliegers, nachtzweten en genitourinaire klachten zijn sterk met de menopauze geassocieerd. Hoe lang duren overgangsverschijnselen? Daar bestaat geen vaste termijn voor. Sommige vrouwen ervaren korte tijd klachten, terwijl vooral opvliegers en nachtzweten bij anderen jarenlang kunnen aanhouden. In welke fase zijn overgangsverschijnselen het hevigst? Er is geen fase waarin de klachten bij iedere vrouw het hevigst zijn. Het verloop verschilt sterk per persoon en per klacht. Het is daarom niet correct om te stellen dat iedereen rond de laatste menstruatie de zwaarste klachten heeft. Is gewichtstoename een overgangsverschijnsel? Gewicht en lichaamssamenstelling kunnen rond de menopauze veranderen, maar zowel veroudering als hormonale veranderingen, voeding, beweging, slaap en andere factoren spelen mee. Gewichtstoename kan daarom niet uitsluitend aan de overgang worden toegeschreven. Heb ik een hormoontest nodig om te weten of ik in de overgang ben? Meestal niet. Bij gezonde vrouwen vanaf 45 jaar met passende klachten en veranderingen in de menstruatie wordt de perimenopauze doorgaans klinisch herkend zonder laboratoriumonderzoek. In specifieke situaties kan een arts wel aanvullend onderzoek adviseren. Wat helpt het beste tegen opvliegers en nachtzweten? Systemische menopauzale hormoontherapie is de effectiefste behandeling voor hinderlijke opvliegers en nachtzweten. Niet iedere vrouw heeft hormoontherapie nodig of kan deze gebruiken. Er bestaan ook niet-hormonale behandelopties. Zijn overgangsverschijnselen altijd hormonaal? Nee. Hormonale veranderingen spelen een belangrijke rol tijdens de overgang, maar niet iedere klacht rond deze leeftijd wordt door hormonen veroorzaakt. Vermoeidheid, slecht slapen, hartkloppingen, gewichtsverandering en stemmingsklachten kunnen bijvoorbeeld ook andere oorzaken hebben. Samengevat De overgang is een natuurlijke levensfase waarin de werking van de eierstokken verandert en uiteindelijk de menstruatie stopt. Overgangsverschijnselen kunnen al tijdens de perimenopauze beginnen en nog na de laatste menstruatie aanwezig blijven. Opvliegers, nachtzweten, veranderingen in de menstruatie en vaginale en urinewegklachten behoren tot de meest kenmerkende veranderingen. Slaap-, stemmings-, concentratie-, seksuele en spier- en gewrichtsklachten kunnen eveneens voorkomen, maar hebben vaker meerdere mogelijke oorzaken. Een gezonde leefstijl ondersteunt je gezondheid, maar je hoeft hinderlijke overgangsklachten niet uitsluitend met leefstijl op te lossen. Er bestaan effectieve medische behandelingen. Welke aanpak het beste past, hangt af van je klachten, gezondheid en voorkeuren. Medische disclaimer De medische informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld als algemene informatie en is geen vervanging voor persoonlijk medisch advies, een diagnose of behandeling. Gebruik de informatie niet om zelf een medische aandoening vast te stellen of een behandeling te starten, te wijzigen of te stoppen. Neem bij klachten, vragen over medicatie of supplementen, of zorgen over je gezondheid contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). NHG-Standaard De overgang. Huidige online versie. Geraadpleegd september 2026. National Institute for Health and Care Excellence (NICE). Menopause: identification and management. NICE Guideline NG23. Laatst bijgewerkt 15 april 2026. Avis NE, Crawford SL, Greendale G, et al. Duration of menopausal vasomotor symptoms over the menopause transition. JAMA Internal Medicine. 2015;175(4):531–539. doi:10.1001/jamainternmed.2014.8063. The Menopause Society. The 2023 Nonhormone Therapy Position Statement of The North American Menopause Society. Menopause. 2023;30(6):573–590. Complementary therapies for management of menopausal symptoms: a systematic review and meta-analysis. 2025/2026. PMID: 41498229.

Lees meer
 opvliegers en nachtzweten vrouw

Op welke leeftijd begint de perimenopauze? Eerste signalen per leeftijd

De perimenopauze heeft geen vaste startleeftijd. Bij veel vrouwen worden de eerste duidelijke veranderingen merkbaar in de veertiger jaren, maar de timing verschilt sterk per persoon. Een veranderend menstruatiepatroon is vaak een van de belangrijkste aanwijzingen. Ook opvliegers en nachtzweten kunnen ontstaan. Ben je rond de 40 of 45 en vraag je je af of de perimenopauze begonnen is? Leeftijd alleen geeft niet het antwoord. Vooral de combinatie van je leeftijd, veranderingen in je menstruatie en eventuele overgangsklachten geeft informatie. Wat is de perimenopauze? De perimenopauze is de levensfase rond de laatste menstruatie waarin de menstruatiecyclus verandert en overgangsklachten kunnen ontstaan. De term wordt niet in iedere medische richtlijn precies hetzelfde afgebakend. In de praktijk wordt perimenopauze vaak gebruikt voor de jaren vóór de menopauze en de periode kort daarna. Belangrijk is het verschil tussen perimenopauze en menopauze: perimenopauze: de overgangsfase waarin je cyclus verandert; menopauze: het moment van je laatste spontane menstruatie; postmenopauze: de levensfase daarna. Je weet pas achteraf welke menstruatie je menopauze was: als je twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd en daar geen andere verklaring voor is. Wil je specifiek weten op welke leeftijd de laatste menstruatie gemiddeld plaatsvindt? Lees dan ons artikel over wanneer de menopauze plaatsvindt. Op welke leeftijd begint de perimenopauze? Er bestaat geen leeftijd waarop iedere vrouw de perimenopauze ingaat. De natuurlijke menopauze vindt meestal plaats tussen ongeveer 45 en 55 jaar en in Nederland gemiddeld rond 50–51 jaar. De veranderingen die eraan voorafgaan beginnen eerder. Bij veel vrouwen worden veranderingen in de menstruatiecyclus ergens in de veertiger jaren duidelijker. Bij de één begint dat eerder, bij de ander later. Daarom kun je niet zeggen: “Ik ben 40, dus ik zit in de perimenopauze.” Maar ook niet: “Ik ben pas 42, dus dit kan de overgang nog niet zijn.” Je leeftijd is één aanwijzing. Je menstruatiepatroon en eventuele klachten geven samen meer informatie. Kan de perimenopauze rond je 40e beginnen? Ja, veranderingen die bij de perimenopauze passen kunnen rond het 40e levensjaar ontstaan. Toch is het belangrijk om niet iedere verandering rond je veertigste automatisch aan de overgang toe te schrijven. Een onregelmatige menstruatie kan bijvoorbeeld ook samenhangen met zwangerschap, PCOS, schildklierproblemen, veranderingen in gewicht of energiebeschikbaarheid, intensief sporten, bepaalde medicijnen of andere oorzaken. Ook klachten zoals vermoeidheid, slecht slapen, somberheid en concentratieproblemen zijn niet specifiek voor de perimenopauze. Heb je vooral vragen over veranderingen rond deze leeftijd? Lees dan verder over veranderingen rond je 40e. Perimenopauze rond 45 jaar: hoe herken je die? Vanaf ongeveer 45 jaar wordt het waarschijnlijker dat een nieuw veranderd menstruatiepatroon en typische overgangsklachten met de perimenopauze samenhangen. Bij gezonde vrouwen van 45 jaar en ouder wordt de perimenopauze daarom meestal klinisch herkend. Dat betekent dat een arts vooral kijkt naar: je leeftijd; veranderingen in je menstruatiecyclus; opvliegers en nachtzweten; andere klachten die bij de overgang kunnen voorkomen; eventuele andere verklaringen voor je klachten. Een standaard hormoontest is hiervoor meestal niet nodig. Wat zijn de eerste signalen van de perimenopauze? Een van de meest kenmerkende vroege veranderingen is dat je menstruatiecyclus anders wordt dan je gewend bent. Je kunt bijvoorbeeld merken dat: de tijd tussen menstruaties korter of langer wordt; de lengte van je cyclus sterker varieert; je soms een menstruatie overslaat; het bloedverlies verandert. In de vroege menopauzale transitie kunnen de lengtes van opeenvolgende cycli duidelijker van elkaar gaan verschillen. Later kunnen langere perioden zonder menstruatie voorkomen. Dat betekent niet dat iedere onregelmatige cyclus automatisch perimenopauze is. Het gaat om een nieuwe, aanhoudende verandering ten opzichte van je eigen patroon, in combinatie met leeftijd en eventuele andere kenmerken. Welke andere klachten kunnen als eerste ontstaan? Naast veranderingen in je menstruatie kunnen overgangsklachten ontstaan. Vooral opvliegers en nachtzweten zijn sterk met de menopauzale transitie geassocieerd. Andere klachten die in deze levensfase regelmatig worden gemeld zijn bijvoorbeeld: slechter slapen; stemmingsveranderingen; vaginale droogheid; veranderingen in seksueel functioneren; spier- en gewrichtsklachten; concentratie- of geheugenproblemen. Hierbij is nuance belangrijk. Niet iedere vrouw krijgt deze klachten en niet iedere klacht die rond je veertigste ontstaat, wordt door de perimenopauze veroorzaakt. Vooral vermoeidheid, slecht slapen, stemming en concentratie zijn multifactorieel: er kunnen meerdere factoren tegelijk een rol spelen. Wil je specifiek meer weten over warmte-aanvallen? Lees dan verder over opvliegers en wat je eraan kunt doen. Wat gebeurt er met je hormonen tijdens de perimenopauze? De hormonale veranderingen tijdens de perimenopauze verlopen niet als een rechte lijn. Het is dus te simpel om te zeggen: “Eerst daalt progesteron en daarna daalt oestrogeen.” Naarmate de eierstokken ouder worden, verandert de reactie op hormonale signalen vanuit de hersenen. Eisprongen worden minder voorspelbaar en cycli zonder eisprong komen vaker voor. Daardoor verandert ook de progesteronproductie, omdat progesteron na een eisprong vooral wordt gemaakt door het corpus luteum. Tegelijkertijd kan oestradiol tijdens de perimenopauze sterk fluctueren. De waarde kan op sommige momenten lager zijn, maar op andere momenten juist relatief hoog. Pas na de menopauze zijn de oestradiolwaarden gemiddeld structureel lager. FSH stijgt gemiddeld naarmate de ovariumfunctie verandert, maar ook FSH kan tijdens de perimenopauze flink schommelen. De perimenopauze is daarom beter te begrijpen als een fase van toenemende hormonale variabiliteit en minder voorspelbare ovulatie dan als een simpele daling van alle vrouwelijke hormonen. Hoe weet je of je in de perimenopauze zit? Bij vrouwen vanaf 45 jaar zijn vooral het menstruatiepatroon en typische overgangsklachten belangrijk. Volgens NICE kan bij verder gezonde vrouwen van 45 jaar of ouder de perimenopauze doorgaans worden herkend aan nieuw ontstane opvliegers of nachtzweten in combinatie met veranderingen in de menstruatie, zonder laboratoriumonderzoek. Ook de Nederlandse NHG-richtlijn kijkt vanaf 40 jaar naar de mogelijke relatie tussen overgang en veranderingen in de menstruatie, vasomotorische klachten zoals opvliegers en klachten van vulva en vagina. Een praktische eerste stap is daarom om een tijdje bij te houden: wanneer je menstruatie begint; hoe lang je cyclus duurt; of je menstruaties overslaat; of het bloedverlies verandert; wanneer opvliegers of nachtzweten optreden; welke andere klachten je ervaart. Zo krijg je beter zicht op veranderingen ten opzichte van je eigen eerdere patroon. Heb je een hormoontest nodig om de perimenopauze vast te stellen? Meestal niet wanneer je 45 jaar of ouder bent en je klachten en menstruatiepatroon bij de perimenopauze passen. Een losse FSH- of oestradiolwaarde is in deze fase vaak lastig te interpreteren, omdat hormoonwaarden kunnen fluctueren. NICE adviseert daarom bij vrouwen van 45 jaar en ouder met typische kenmerken geen routinematige laboratoriumtesten zoals oestradiol om de perimenopauze of menopauze vast te stellen. Dat betekent niet dat bloedonderzoek nooit zinvol is. Een arts kan bijvoorbeeld wel bloedonderzoek aanvragen wanneer er een andere mogelijke oorzaak voor je klachten moet worden onderzocht. Wanneer kan FSH-onderzoek wel zinvol zijn? De leeftijd maakt hierbij verschil. NICE adviseert om een FSH-bepaling te overwegen bij vrouwen van 40 tot 45 jaar wanneer er overgangsklachten zijn, waaronder een verandering van de menstruatiecyclus. Bij vrouwen jonger dan 40 jaar kan FSH-onderzoek nodig zijn wanneer er een vermoeden bestaat van premature ovariële insufficiëntie (POI). FSH is ook niet in iedere situatie goed interpreteerbaar. Bij gebruik van bepaalde hormonale anticonceptie kan de waarde bijvoorbeeld niet geschikt zijn om de menopauzestatus te bepalen. Laat daarom liever een arts beoordelen of een hormoontest in jouw situatie daadwerkelijk informatie toevoegt. Kun je al vóór je 40e in de perimenopauze komen? Overgangsachtige veranderingen vóór je veertigste verdienen medische beoordeling. Bij verlies of duidelijke verstoring van de normale werking van de eierstokken vóór het 40e levensjaar kan sprake zijn van premature ovariële insufficiëntie (POI). POI is niet simpelweg hetzelfde als een iets vroeger begonnen normale overgang. De diagnose heeft specifieke criteria en kan gevolgen hebben voor onder andere vruchtbaarheid en bot- en cardiovasculaire gezondheid. Heb je vóór je veertigste langere tijd geen of sterk onregelmatige menstruaties en klachten die aan de overgang doen denken? Bespreek dit dan met je huisarts. Hoe lang duurt de perimenopauze? Daar is geen exact aantal jaren voor te geven. De menopauzale transitie duurt gemiddeld meerdere jaren. De NHG-richtlijn noemt gemiddeld ongeveer vier tot zes jaar tot de menstruaties definitief stoppen, maar de verschillen tussen vrouwen zijn groot. Een gemiddelde voorspelt dus niet hoe lang jouw perimenopauze duurt. De cyclus kan bovendien een tijd onregelmatig zijn, daarna tijdelijk regelmatiger worden en later opnieuw veranderen. Het verloop is niet altijd lineair. Daarom is de vraag “Wanneer ben ik hier vanaf?” helaas niet precies te beantwoorden op basis van leeftijd of één hormoonwaarde. Kun je nog zwanger worden tijdens de perimenopauze? Ja. Tijdens de perimenopauze vinden eisprongen minder voorspelbaar plaats, maar ovulatie kan nog steeds voorkomen. Zolang dat mogelijk is, kun je zwanger worden. Een onregelmatige menstruatie betekent dus niet dat anticonceptie niet meer nodig is. Ook hormoontherapie voor overgangsklachten is geen anticonceptie. Heb je geen kinderwens? Bespreek dan met je huisarts welke anticonceptie in deze levensfase geschikt is. Wat kun je zelf doen tijdens de perimenopauze? Je hoeft niet te wachten tot klachten ernstig worden voordat je aandacht besteedt aan je gezondheid. Regelmatig bewegen, voldoende slapen, niet roken, matig of geen alcohol drinken en een volwaardig voedingspatroon ondersteunen je algemene gezondheid tijdens deze levensfase. Vooral beweging en krachttraining zijn waardevol voor spiermassa, botten en cardiometabole gezondheid. Dat betekent niet dat leefstijl de hormonale veranderingen van de perimenopauze kan stoppen of je hormonen ‘weer in balans’ brengt. Wel kan een gezonde leefstijl bijdragen aan je gezondheid en kunnen bepaalde aanpassingen helpen bij specifieke klachten. Meer praktische informatie vind je in ons artikel over leefstijl tijdens de premenopauze. Welke voeding is belangrijk tijdens de perimenopauze? Er bestaat geen speciaal dieet dat de perimenopauze uitstelt of oestrogeen en progesteron weer ‘in balans’ brengt. Een gezond voedingspatroon blijft wel belangrijk, onder andere voor botten, spieren en hart- en vaatgezondheid. Denk aan voldoende: groente en fruit; volkorenproducten; peulvruchten; noten en zaden; eiwitrijke voedingsmiddelen; voornamelijk onverzadigde vetten. Ook calcium en vitamine D zijn belangrijk voor de botgezondheid. Of suppletie nodig is, hangt af van leeftijd, voeding en geldende suppletieadviezen. Meer praktische voorbeelden vind je in ons artikel over voeding tijdens de premenopauze. Wat als je veel last hebt van de perimenopauze? Je hoeft hinderlijke overgangsklachten niet automatisch te accepteren omdat de perimenopauze een natuurlijke levensfase is. Welke behandeling geschikt is, hangt af van je klachten, medische voorgeschiedenis en voorkeuren. Bij opvliegers en nachtzweten is hormoontherapie (HRT) de meest effectieve behandeling voor vrouwen voor wie deze behandeling geschikt is. Er bestaan daarnaast niet-hormonale behandelingen. Bij vaginale droogheid en andere urogenitale overgangsklachten kunnen lokale behandelingen, waaronder laaggedoseerd vaginaal oestrogeen, effectief zijn. Welke behandeling bij jou past, bespreek je met je huisarts. Supplementen zijn geen noodzakelijke behandeling voor de perimenopauze. Voor veel supplementen en kruiden die voor overgangsklachten worden verkocht is het bewijs beperkt, wisselend of onvoldoende. Wanneer contact opnemen met de huisarts? Neem contact op met je huisarts wanneer veranderingen of klachten je zorgen baren of duidelijk invloed hebben op je dagelijks leven. Bespreek het in ieder geval wanneer: je vóór je 40e overgangsachtige klachten of langdurig onregelmatige/uitblijvende menstruaties krijgt; je tussen 40 en 45 jaar duidelijke overgangsklachten en cyclusveranderingen hebt en wilt weten of onderzoek zinvol is; je menstruaties zeer hevig of langdurig worden; je bloedverlies tussen menstruaties of na seks hebt; je ernstige of nieuwe buik- of bekkenpijn hebt; vermoeidheid, somberheid, hartkloppingen of andere klachten ernstig of aanhoudend zijn; je klachten je werk, slaap, relaties of dagelijks functioneren duidelijk beïnvloeden; je twijfelt of je klachten daadwerkelijk door de perimenopauze komen. Bloedverlies nadat je twaalf maanden niet hebt gemenstrueerd moet altijd medisch worden beoordeeld. Bij zeer hevig acuut bloedverlies in combinatie met duizeligheid, flauwvallen, bleekheid of kortademigheid is snelle medische beoordeling nodig. Veelgestelde vragen over de leeftijd van de perimenopauze Wat is de gemiddelde leeftijd waarop de perimenopauze begint? Er is geen vaste gemiddelde startleeftijd die voor iedere vrouw bruikbaar is. Bij veel vrouwen worden veranderingen in de veertiger jaren duidelijker, maar het moment verschilt sterk. Kan de perimenopauze op je 40e beginnen? Ja. Veranderingen die bij de perimenopauze passen kunnen rond 40 jaar ontstaan. Omdat menstruatieveranderingen en andere klachten ook andere oorzaken kunnen hebben, is leeftijd alleen niet voldoende om vast te stellen dat je in de perimenopauze bent. Kan de perimenopauze al op je 38e beginnen? Overgangsachtige klachten vóór je 40e zijn reden om met je huisarts te bespreken of verder onderzoek nodig is. Onder andere POI en andere oorzaken van een veranderde menstruatie moeten dan worden overwogen. Hoe herken je het begin van de perimenopauze? Een nieuwe verandering in je menstruatiepatroon is een belangrijke aanwijzing. Daarnaast kunnen opvliegers en nachtzweten ontstaan. Vooral vanaf 45 jaar kan de combinatie van leeftijd, cyclusverandering en typische klachten vaak voldoende zijn om de perimenopauze klinisch te herkennen. Wordt je menstruatie eerst korter of langer? Beide kunnen voorkomen. Tijdens de perimenopauze kunnen cycli korter, langer en uiteindelijk steeds onregelmatiger worden. Er bestaat geen vast patroon dat iedere vrouw doorloopt. Moet je hormonen laten testen om te weten of je in de perimenopauze bent? Meestal niet vanaf 45 jaar wanneer je een passend veranderd menstruatiepatroon en typische overgangsklachten hebt. Tussen 40 en 45 jaar kan FSH in bepaalde situaties worden overwogen; onder 40 is gerichter onderzoek belangrijk wanneer POI wordt vermoed. Hoe lang duurt de perimenopauze? De duur verschilt sterk. De menopauzale transitie duurt gemiddeld meerdere jaren; NHG noemt gemiddeld ongeveer vier tot zes jaar tot de menstruaties definitief stoppen. Een individuele duur is niet betrouwbaar te voorspellen. Kun je nog zwanger worden in de perimenopauze? Ja. Zolang er nog ovulaties kunnen plaatsvinden, blijft zwangerschap mogelijk. HRT beschermt niet tegen zwangerschap. Wanneer ben je officieel in de menopauze? De menopauze is je laatste spontane menstruatie en wordt pas achteraf vastgesteld nadat je twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd, wanneer daar geen andere verklaring voor is. Meer hierover lees je in ons artikel over wanneer de menopauze plaatsvindt. Samengevat De perimenopauze heeft geen vaste startleeftijd. Bij veel vrouwen worden de eerste duidelijke veranderingen in de veertiger jaren merkbaar. Een verandering van je menstruatiepatroon is een belangrijke aanwijzing. Opvliegers en nachtzweten kunnen het beeld verder ondersteunen. Klachten zoals vermoeidheid, slecht slapen en stemmingsveranderingen kunnen eveneens voorkomen, maar zijn minder specifiek en kunnen andere oorzaken hebben. Vanaf 45 jaar is bij een passend patroon meestal geen hormoontest nodig om de perimenopauze te herkennen. Tussen 40 en 45 kan FSH-onderzoek in bepaalde situaties worden overwogen. Overgangsachtige veranderingen vóór 40 jaar verdienen medische beoordeling. En belangrijk: perimenopauze en menopauze zijn niet hetzelfde. Deze pagina gaat over het begin van de overgangsfase. De menopauze zelf is het moment van de laatste spontane menstruatie en kan pas achteraf worden vastgesteld. Medische disclaimer De medische informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld als algemene informatie en is geen vervanging voor persoonlijk medisch advies, een diagnose of behandeling. Gebruik de informatie niet om zelf een medische aandoening vast te stellen of een behandeling te starten, te wijzigen of te stoppen. Neem bij klachten, vragen over medicatie of zorgen over je gezondheid contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Wetenschappelijk onderbouwde kennisbank over menstruatie, hormonen en de menopauzale levensfasen. Interne evidence review Viv Support. Geraadpleegd september 2026. National Institute for Health and Care Excellence (NICE). Menopause: identification and management. NICE guideline NG23. Laatst bijgewerkt 15 april 2026. Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). De overgang. Actuele NHG-richtlijn en patiënteninformatie, geraadpleegd september 2026. Harlow SD, Gass M, Hall JE, et al. Executive summary of the Stages of Reproductive Aging Workshop +10: addressing the unfinished agenda of staging reproductive aging. Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism. 2012;97(4):1159–1168. The Menopause Society. The 2022 Hormone Therapy Position Statement of The North American Menopause Society. Menopause. 2022;29(7):767–794.

Lees meer
ongesteld tijdens menopauze

Overgang: na een half jaar toch opeens weer ongesteld

Ben je een half jaar niet ongesteld geweest en krijg je ineens weer bloedverlies? Dat kan behoorlijk verwarrend zijn. Misschien dacht je dat je laatste menstruatie inmiddels achter je lag. Na zes maanden zonder menstruatie ben je echter nog niet officieel postmenopauzaal. Tijdens de perimenopauze kunnen menstruaties maanden wegblijven en daarna toch weer terugkomen. Pas nadat je twaalf maanden niet hebt gemenstrueerd, wordt achteraf vastgesteld dat je menopauze heeft plaatsgevonden. Een bloeding na zes maanden kan dus passen bij de overgang. Toch is niet ieder bloedverlies automatisch hormonaal. Vooral bij hevig, langdurig, terugkerend of ongebruikelijk bloedverlies is het verstandig om je huisarts te raadplegen. En heel belangrijk: krijg je vaginaal bloedverlies nadat je twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd? Neem dan altijd contact op met je huisarts. Na een half jaar weer ongesteld: kan dat tijdens de overgang? Ja. Tijdens de perimenopauze wordt de eisprong minder voorspelbaar en kan je menstruatiepatroon sterk veranderen. Je kunt bijvoorbeeld merken dat: menstruaties dichter op elkaar komen; er juist maanden tussen twee menstruaties zitten; je een menstruatie overslaat; bloedverlies heviger of lichter wordt; de duur van je menstruatie verandert. Het kan daardoor gebeuren dat je vijf of zes maanden niet menstrueert en daarna toch opnieuw bloedverlies krijgt. Dat betekent niet automatisch dat er iets mis is. Het betekent ook niet dat je al in de postmenopauze was en opnieuw bent gaan menstrueren. Wil je beter begrijpen hoe de verschillende fases in elkaar zitten? Lees dan meer over de fases van de overgang. Wanneer ben je officieel in de menopauze? De termen overgang en menopauze worden vaak als synoniemen gebruikt, maar betekenen medisch iets anders. De menopauze is je laatste spontane menstruatie. Welke menstruatie de laatste was, weet je pas achteraf. Wanneer je twaalf maanden achter elkaar niet hebt gemenstrueerd en daar geen andere verklaring voor is, wordt ervan uitgegaan dat de menopauze heeft plaatsgevonden. De jaren waarin je menstruaties onregelmatiger worden en overgangsklachten kunnen ontstaan, behoren tot de menopauzale transitie of perimenopauze. Meer uitleg vind je in ons artikel over de betekenis van menopauze en overgang. Bloedverlies na 6 maanden is iets anders dan bloedverlies na 12 maanden Dit onderscheid is medisch belangrijk. Bloedverlies na 6 maanden zonder menstruatie Heb je zes maanden niet gemenstrueerd en verlies je daarna weer bloed? Dan kan dit nog passen bij een onregelmatige cyclus tijdens de perimenopauze. Of onderzoek nodig is, hangt onder andere af van: je leeftijd; de hoeveelheid bloedverlies; hoe lang je bloedt; of het bloedverlies vaker terugkomt; of je ook tussen menstruaties bloed verliest; of je pijn hebt; medicijn- of hormoongebruik; andere gezondheidsfactoren. Bloedverlies na 12 maanden zonder menstruatie Heb je minstens twaalf maanden niet gemenstrueerd en krijg je daarna vaginaal bloedverlies? Dan spreken artsen van postmenopauzaal bloedverlies. Dat moet altijd door een huisarts worden beoordeeld, ook wanneer: het maar een klein beetje bloed is; je slechts één keer bloed ziet; het bloed bruin of roze is; je verder geen klachten hebt. De oorzaak is vaak goedaardig, maar het is belangrijk om afwijkingen van de baarmoeder, baarmoederhals of vagina uit te sluiten. Wat kan bloedverlies tijdens de perimenopauze veroorzaken? Een veranderend bloedingspatroon komt regelmatig voor tijdens de perimenopauze, maar er zijn verschillende mogelijke verklaringen. 1. Veranderingen in de eisprong en menstruatiecyclus Tijdens de perimenopauze vindt de eisprong minder voorspelbaar plaats. Sommige cycli zijn anovulatoir: er vindt dan geen eisprong plaats. Hierdoor verandert ook de productie van progesteron en kan het baarmoederslijmvlies anders worden opgebouwd en afgestoten. Het gevolg kan een lange pauze tussen menstruaties zijn, gevolgd door opnieuw bloedverlies. 2. Myomen Myomen, ook wel vleesbomen genoemd, zijn goedaardige gezwellen van spierweefsel in de baarmoeder. Ze kunnen onder andere: heviger menstruatiebloedverlies; langer durende menstruaties; drukklachten; bekkenpijn veroorzaken. Myomen komen veel voor vóór de menopauze. Het is niet juist om te zeggen dat ze na de menopauze vaker ontstaan; door de lagere hormoonblootstelling worden ze na de menopauze vaak juist kleiner. 3. Poliepen Poliepen in de baarmoeder of baarmoederhals kunnen bloedverlies veroorzaken. Dat kan bijvoorbeeld optreden: tussen menstruaties; na seks; bij onregelmatige bloedingen; na de menopauze. Een arts kan zo nodig onderzoeken of een poliep aanwezig is. 4. Adenomyose Bij adenomyose bevindt zich weefsel dat lijkt op baarmoederslijmvlies in de spierwand van de baarmoeder. Dit kan onder andere hevig bloedverlies en menstruatiepijn veroorzaken. De klachten nemen bij veel vrouwen na de menopauze af, maar kunnen tijdens de perimenopauze nog aanwezig zijn. 5. Medicijnen, anticonceptie of hormoontherapie Ook hormonale anticonceptie, hormoontherapie en sommige andere medicijnen kunnen invloed hebben op vaginaal bloedverlies. Gebruik je hormoontherapie en krijg je onverwacht of aanhoudend bloedverlies? Bespreek dit met je huisarts. Wat als verwacht bloedverlies wordt beschouwd, hangt onder andere af van het gebruikte schema en hoe lang je de behandeling gebruikt. 6. Zwangerschap Zolang je de menopauze nog niet hebt bereikt, kan een eisprong nog plaatsvinden. Zwangerschap is tijdens de perimenopauze dus nog mogelijk. Bij bloedverlies en een mogelijke zwangerschap is het belangrijk om daar rekening mee te houden. Bij een mogelijke zwangerschap in combinatie met buikpijn of hevig bloedverlies is medische beoordeling nodig. Wat zijn oorzaken van bloedverlies ná de menopauze? Postmenopauzaal bloedverlies heeft andere aandachtspunten dan een onregelmatige menstruatie tijdens de perimenopauze. Mogelijke oorzaken zijn onder andere: dunner en kwetsbaarder worden van het vaginale of baarmoederslijmvlies; een poliep van de baarmoeder of baarmoederhals; afwijkingen van de baarmoederhals; bepaalde medicijnen; hormoontherapie; verdikking of afwijkende groei van het baarmoederslijmvlies; baarmoederkanker; minder vaak andere gynaecologische aandoeningen. Het feit dat er vaak een goedaardige verklaring is, is geen reden om postmenopauzaal bloedverlies thuis af te wachten. Iedere nieuwe bloeding na de menopauze moet worden beoordeeld. Betekent bloedverlies na de menopauze dat je kanker hebt? Nee. Bloedverlies na de menopauze betekent niet automatisch dat je baarmoederkanker of baarmoederhalskanker hebt. Er bestaan verschillende goedaardige oorzaken. Maar bloedverlies kan wél een eerste aanwijzing zijn voor een afwijking van het baarmoederslijmvlies of een maligniteit. Daarom adviseren Nederlandse richtlijnen om postmenopauzaal bloedverlies altijd te onderzoeken. Het doel van onderzoek is dus niet omdat kanker de meest waarschijnlijke verklaring moet zijn, maar omdat een belangrijke oorzaak veilig moet worden uitgesloten. Wanneer contact opnemen met de huisarts? Na 12 maanden zonder menstruatie: altijd bellen Neem altijd contact op met je huisarts wanneer je vaginaal bloedverlies krijgt nadat je minstens twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd. Begin in Nederland in principe bij de huisarts. Die beoordeelt welke onderzoeken nodig zijn en verwijst naar een gynaecoloog als daar aanleiding voor is. Ook vóór die 12 maanden zijn er redenen om contact op te nemen Laat bloedverlies ook beoordelen wanneer: het zeer hevig is; het langdurig aanhoudt; je herhaaldelijk tussen menstruaties door bloed verliest; je na seks bloed verliest; je een duidelijk nieuw of afwijkend bloedingspatroon hebt; je ernstige of nieuwe buik- of bekkenpijn hebt; je mogelijk zwanger bent; je bleek, kortademig of erg duizelig wordt; je mogelijk bloedarmoede hebt; je je zorgen maakt over de verandering. Bij zeer hevig bloedverlies in combinatie met flauwvallen, ernstige duizeligheid, bleekheid of kortademigheid is snelle medische beoordeling nodig. Welk onderzoek krijg je bij bloedverlies na de menopauze? Welke onderzoeken nodig zijn, hangt af van je situatie. Je hoeft dus niet automatisch alle onderstaande onderzoeken te krijgen. Volgens de Nederlandse richtlijnen bestaat de eerste beoordeling onder andere uit vragen over het bloedverlies, medicijngebruik en andere klachten, aangevuld met lichamelijk onderzoek. Lichamelijk en inwendig onderzoek De huisarts kan de vulva en vagina bekijken en met een speculum de vagina en baarmoederhals beoordelen. Zo kunnen bijvoorbeeld afwijkingen van het slijmvlies, een poliep of een zichtbare afwijking van de baarmoederhals worden opgemerkt. Cervixuitstrijk Bij postmenopauzaal bloedverlies adviseert de Nederlandse NHG-richtlijn een cervixuitstrijk voor cytologisch onderzoek. Een uitstrijkje onderzoekt cellen van de baarmoederhals. Het is dus iets anders dan onderzoek van het baarmoederslijmvlies en kan niet zelfstandig alle mogelijke oorzaken van bloedverlies uitsluiten. Transvaginale echo Bij postmenopauzaal bloedverlies wordt ook een transvaginale echoscopie gebruikt. Daarbij wordt onder andere gekeken naar de dikte en het aspect van het baarmoederslijmvlies. Een dun baarmoederslijmvlies is doorgaans geruststellender. De Nederlandse richtlijn gebruikt een endometriumdikte van meer dan 4 millimeter als grens waarbij verdere diagnostiek nodig is. Onderzoek van het baarmoederslijmvlies Wanneer het baarmoederslijmvlies verdikt is, niet goed beoordeeld kan worden of er andere redenen voor verder onderzoek zijn, kan weefsel uit de baarmoeder worden onderzocht. Dit kan bijvoorbeeld met een endometriumaspiratiebiopt. Hysteroscopie Bij een hysteroscopie wordt met een dun kijkinstrument in de baarmoeder gekeken. Dit onderzoek kan bijvoorbeeld nodig zijn wanneer eerder onderzoek geen duidelijke verklaring geeft of wanneer een afwijking zoals een poliep wordt vermoed. Het is dus niet standaard het eerste onderzoek bij iedere vrouw met bloedverlies. Wat kun je zelf bijhouden? Je hoeft de oorzaak niet zelf te proberen vast te stellen. Het kan wel helpen om voor een afspraak een paar dingen te noteren: wanneer je laatste menstruatie vóór deze bloeding was; wanneer het nieuwe bloedverlies begon; hoe lang het duurde; hoeveel bloed je verloor; of er stolsels waren; of je pijn had; of het bloedverlies na seks ontstond; welke medicijnen of hormonen je gebruikt. Deze informatie kan een arts helpen het patroon beter te beoordelen. Veelgestelde vragen over na een half jaar weer ongesteld worden Is het normaal om na 6 maanden weer ongesteld te worden? Dat kan tijdens de perimenopauze voorkomen. Zes maanden zonder menstruatie betekent nog niet dat je de menopauze definitief hebt bereikt. De cyclus kan in deze periode sterk onregelmatig worden. Nieuw, hevig, langdurig of opvallend bloedverlies verdient wel medische beoordeling. Ben je na 6 maanden zonder menstruatie al in de menopauze? Nee. De menopauze is je laatste spontane menstruatie en wordt pas achteraf vastgesteld wanneer je twaalf maanden niet hebt gemenstrueerd en daar geen andere verklaring voor is. Begint de teller opnieuw als je na 6 maanden toch weer ongesteld wordt? Voor het vaststellen van een natuurlijke menopauze moet er een periode van twaalf aaneengesloten maanden zonder menstruatie zijn. Krijg je na zes maanden weer een echte menstruatie, dan was de voorafgaande bloeding dus nog niet retrospectief als je laatste menstruatie vast te stellen. Is bloedverlies na 1 jaar zonder menstruatie normaal? Nee, dat wordt beschouwd als postmenopauzaal bloedverlies. Neem bij iedere vaginale bloeding na twaalf maanden zonder menstruatie contact op met je huisarts, ook wanneer het maar een kleine hoeveelheid is. Moet ik meteen naar een gynaecoloog? Meestal is de huisarts het eerste aanspreekpunt. De huisarts kan de eerste beoordeling en een deel van de diagnostiek organiseren en verwijst naar een gynaecoloog wanneer dat nodig is. Is bloedverlies na de menopauze meestal kanker? Nee. Er zijn verschillende goedaardige oorzaken van postmenopauzaal bloedverlies. Toch kan een kwaadaardige afwijking een oorzaak zijn en daarom moet iedere bloeding na de menopauze worden onderzocht. Kan ik tijdens de perimenopauze nog zwanger worden? Ja. Een eisprong kan nog plaatsvinden, ook wanneer menstruaties maanden wegblijven. De perimenopauze is daarom niet hetzelfde als onvruchtbaarheid. Samengevat Word je na een half jaar zonder menstruatie opnieuw ongesteld? Dan kan dat nog passen bij de perimenopauze. Tijdens deze fase kunnen er maanden tussen twee menstruaties zitten. De grens van twaalf maanden is belangrijk. Pas na twaalf maanden zonder menstruatie wordt je laatste menstruatie achteraf als de menopauze beschouwd. Vaginaal bloedverlies daarna is postmenopauzaal bloedverlies en moet altijd door de huisarts worden beoordeeld. Ook vóór die tijd is beoordeling verstandig bij zeer hevig of langdurig bloedverlies, bloedverlies tussen menstruaties of na seks, ernstige pijn of een opvallend nieuw patroon. Meer algemene informatie over veranderingen in deze levensfase vind je in onze gids over overgangsverschijnselen. Dit is een informatiepagina. Viv Support heeft geen producten die bestemd zijn voor deze indicatie of toepassing. Medische disclaimer De medische informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld als algemene informatie en is geen vervanging voor persoonlijk medisch advies, een diagnose of behandeling. Gebruik de informatie niet om zelf een medische aandoening vast te stellen of een behandeling te starten, te wijzigen of te stoppen. Neem bij klachten, vragen over medicatie of supplementen, of zorgen over je gezondheid contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Nederlands Huisartsen Genootschap. NHG-Standaard De overgang. Huidige online versie. Geraadpleegd september 2026. Nederlands Huisartsen Genootschap. NHG-Standaard Vaginaal bloedverlies. Laatste aanpassing januari 2024. Geraadpleegd september 2026.https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/vaginaal-bloedverlies Nederlands Huisartsen Genootschap & Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie. Landelijke Transmurale Afspraak Vaginaal bloedverlies in de postmenopauze. Laatste aanpassing september 2019. Geraadpleegd september 2026.https://richtlijnen.nhg.org/landelijke-transmurale-afspraken/vaginaal-bloedverlies-de-postmenopauze Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie. Postmenopauzaal bloedverlies (PMB). Richtlijnendatabase. Richtlijn gepubliceerd 2016. Geraadpleegd september 2026.https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/postmenopauzaal_bloedverlies_pmb/postmenopauzaal_bloedverlies_-_startpagina.html Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie. Histologische cavumdiagnostiek bij postmenopauzaal bloedverlies. Richtlijnendatabase. Geraadpleegd september 2026.

Lees meer
Bio-identieke hormonen bij de overgang: wat zijn ze en wat moet je weten?

Bio-identieke hormonen bij de overgang: wat zijn ze en wat moet je weten?

Dit is een informatiepagina over bio-identieke hormonen en de overgang. De informatie is algemeen van aard en staat los van de werking of toepassing van de producten van Viv Support. Viv Support biedt geen menopauzale hormoontherapie aan. Bio-identieke hormonen zijn hormonen met dezelfde chemische structuur als hormonen die het lichaam zelf aanmaakt, zoals oestradiol en progesteron. Geregistreerde bio-identieke hormonen kunnen door een arts worden voorgeschreven als onderdeel van menopauzale hormoontherapie (MHT of HRT). Of hormoontherapie bij iemand past, hangt af van de persoonlijke gezondheidssituatie, wat iemand tijdens de overgang ervaart en de afweging die samen met een arts wordt gemaakt. Maar wat betekent bio-identiek eigenlijk? Zijn bio-identieke hormonen hetzelfde als natuurlijke hormonen? En wat is het verschil tussen geregistreerde en samengestelde hormonen? In dit artikel leggen we het stap voor stap uit. Bio-identieke hormonen: veel over gesproken, maar ook vaak verkeerd begrepen Misschien heb je de term bio-identieke hormonen voorbij zien komen op sociale media, in podcasts of op websites over de overgang. Daar worden ze soms omschreven als een 'natuurlijk' alternatief voor andere vormen van hormoontherapie. Dat kan verwarrend zijn, want bio-identiek en natuurlijk betekenen niet hetzelfde. Bio-identieke hormonen zijn bovendien geen nieuwe ontdekking. Geregistreerde bio-identieke hormonen worden al langere tijd binnen de reguliere medische zorg gebruikt. In dit artikel lees je: wat bio-identieke hormonen zijn; wat bio-identiek precies betekent; welke hormonen tijdens de overgang een rol spelen; wat het verschil is tussen geregistreerde en samengestelde bio-identieke hormonen; welke aandachtspunten er zijn rondom MHT; wat je zelf kunt doen om aandacht te besteden aan je gezondheid tijdens de (peri)menopauze. Wat zijn bio-identieke hormonen? Bio-identieke hormonen hebben dezelfde chemische structuur als hormonen die het lichaam zelf aanmaakt. Daardoor kunnen ze zich binden aan dezelfde hormoonreceptoren als lichaamseigen hormonen zoals oestradiol en progesteron. De term bio-identiek zegt dus iets over de moleculaire structuur van een hormoon. Het zegt niet automatisch iets over de oorsprong ervan. Veel bio-identieke hormonen worden gemaakt met plantaardige grondstoffen, bijvoorbeeld afkomstig uit soja of yam. Deze grondstoffen worden vervolgens in een laboratorium bewerkt totdat de uiteindelijke hormoonstructuur gelijk is aan die van het menselijke hormoon. Zijn bio-identieke hormonen hetzelfde als natuurlijke hormonen? Nee. De termen bio-identiek en natuurlijk worden regelmatig door elkaar gebruikt, maar hebben een andere betekenis. Bio-identiek: de chemische structuur is gelijk aan die van een lichaamseigen hormoon. Natuurlijk: verwijst meestal naar de oorsprong van een grondstof. Een hormoon kan dus bio-identiek zijn, terwijl er tijdens de productie verschillende laboratoriumstappen nodig zijn geweest. Andersom is een plantaardige stof niet automatisch een bio-identiek hormoon. Het onderscheid is belangrijk, zeker wanneer je online informatie over hormonen tegenkomt. Welke bio-identieke hormonen worden tijdens de overgang gebruikt? Binnen menopauzale hormoontherapie spelen vooral oestradiol en gemicroniseerd progesteron een rol. Oestradiol Oestradiol is tijdens de vruchtbare jaren de belangrijkste vorm van oestrogeen. Oestrogeen speelt op verschillende plekken in het lichaam een rol, bijvoorbeeld bij: de menstruatiecyclus; de botten; de vagina en urinewegen; de huid; de temperatuurregeling; hart en bloedvaten. Tijdens de perimenopauze kunnen de hoeveelheden oestradiol sterk schommelen. Na verloop van tijd wordt er blijvend minder oestradiol aangemaakt. Deze veranderingen kunnen merkbaar zijn in bijvoorbeeld: opvliegers; nachtelijk transpireren; vaginale droogheid; veranderingen in slaap; veranderingen van de huid; veranderingen rond de urinewegen. Meer lezen over deze levensfase? Bekijk dan ook ons artikel over veelvoorkomende veranderingen rond de menopauze. Oestradiol is als geneesmiddel verkrijgbaar in verschillende toedieningsvormen, zoals: een pleister; gel; spray; tablet. Welke vorm bij iemand past, wordt samen met een arts bepaald. Gemicroniseerd progesteron Progesteron wordt tijdens de vruchtbare jaren voornamelijk na de eisprong aangemaakt. Tijdens de perimenopauze vinden eisprongen minder regelmatig plaats. Hierdoor verandert ook de natuurlijke aanmaak van progesteron. Bij vrouwen met een baarmoeder die systemisch oestrogeen gebruiken, wordt binnen MHT doorgaans ook progesteron of een ander progestageen toegepast om het baarmoederslijmvlies te beschermen. Welke combinatie nodig is, is een medische afweging die samen met een arts wordt gemaakt. Wat gebeurt er met je hormonen tijdens de perimenopauze? De overgang verloopt meestal niet als een rechte lijn waarbij oestrogeen ieder jaar een beetje verder daalt. Tijdens de perimenopauze reageren de eierstokken steeds wisselender op hormonale signalen uit de hersenen. Daardoor kunnen de hoeveelheden oestradiol sterk variëren. Soms liggen ze tijdelijk hoger en op andere momenten juist lager. Tegelijkertijd vinden eisprongen minder regelmatig plaats, waardoor ook de aanmaak van progesteron verandert. Wil je hier dieper induiken? Lees dan ook ons artikel over de betekenis van de menopauze en de verschillende fases van de overgang. Deze hormonale veranderingen kun je bijvoorbeeld merken doordat: je menstruatie minder regelmatig wordt; je opvliegers ervaart; je 's nachts vaker transpireert; je slaap verandert; je stemming wisselender aanvoelt; concentreren soms minder gemakkelijk gaat; je vaginale droogheid merkt. Sommige vrouwen merken daarnaast dat hun geheugen of concentratie anders aanvoelt. Lees daar meer over in ons artikel over het brein tijdens de menopauze. Het is belangrijk om niet iedere lichamelijke verandering rond deze leeftijd automatisch aan hormonen toe te schrijven. Merk je veranderingen die lang aanhouden, sterk zijn of waarover je je zorgen maakt? Bespreek ze dan met je huisarts. Wanneer kan menopauzale hormoontherapie worden besproken? Niet iedere vrouw heeft tijdens de overgang medische ondersteuning nodig. Wanneer veranderingen rond de overgang veel invloed hebben op het dagelijks leven, kan menopauzale hormoontherapie (MHT) een onderwerp zijn om met een huisarts of gynaecoloog te bespreken. Bij die afweging wordt onder andere gekeken naar: je leeftijd; wat je tijdens de overgang ervaart; hoeveel tijd is verstreken sinds de menopauze; je persoonlijke gezondheid; je medische voorgeschiedenis; eventuele factoren die relevant zijn voor veilig gebruik. Hormoontherapie is daarmee altijd een individuele medische keuze. Zijn bio-identieke hormonen beter dan synthetische hormonen? Een veelgestelde vraag is of bio-identieke hormonen beter of veiliger zijn dan andere hormoonvormen. Daar is geen algemeen ja of nee op te geven. Het belangrijkste verschil zit in de chemische structuur: bio-identieke hormonen hebben dezelfde moleculaire structuur als hormonen die het lichaam zelf aanmaakt; andere hormoonvormen kunnen een afwijkende chemische structuur hebben. Binnen MHT worden onder andere geregistreerd 17β-oestradiol en gemicroniseerd progesteron gebruikt. Dit zijn bio-identieke hormonen. Dat betekent niet automatisch dat een bio-identieke vorm voor iedere vrouw de beste keuze is. Welke vorm het meest passend is, hangt af van de persoonlijke situatie en bespreek je samen met een huisarts of gynaecoloog. Geregistreerde en samengestelde bio-identieke hormonen: wat is het verschil? Wanneer je online zoekt naar bio-identieke hormonen kom je verschillende soorten producten tegen. Een belangrijk onderscheid is dat tussen geregistreerde hormoonpreparaten en samengestelde of compounded hormonen. Geregistreerde bio-identieke hormonen Geregistreerde bio-identieke hormonen zijn geneesmiddelen waarvoor onder andere eisen gelden rondom: kwaliteit; samenstelling; dosering; werkzaamheid; veiligheid. Ze worden voorgeschreven door een arts. Voorbeelden zijn: 17β-oestradiol; gemicroniseerd progesteron. Deze hormonen worden binnen reguliere menopauzale hormoontherapie gebruikt. Samengestelde bio-identieke hormonen Daarnaast bestaan er samengestelde, ook wel compounded, bio-identieke hormonen. Deze kunnen speciaal door een bereidingsapotheek worden samengesteld. Hoewel de gebruikte hormonen zelf bio-identiek kunnen zijn, zijn dergelijke preparaten niet altijd als regulier geneesmiddel geregistreerd. Daardoor kan de onderbouwing rond bijvoorbeeld samenstelling, dosering, opname en veiligheid verschillen van die van geregistreerde preparaten. Internationale medische organisaties adviseren daarom om de keuze voor een hormoonpreparaat altijd samen met een gekwalificeerde arts te maken. Heb je een hormoontest nodig? Online worden verschillende hormoontesten aangeboden waarmee je zou kunnen bepalen waar je je in de overgang bevindt of welke hormonen bij je passen. Bij vrouwen van 45 jaar en ouder wordt meestal vooral gekeken naar: leeftijd; veranderingen in het menstruatiepatroon; wat iemand zelf merkt. Hormoonspiegels kunnen tijdens de perimenopauze namelijk sterk schommelen. Eén bloedwaarde geeft daardoor niet altijd een duidelijk beeld van de levensfase waarin iemand zich bevindt. Een arts kan beoordelen of aanvullend hormoononderzoek in jouw persoonlijke situatie zinvol is. Dat kan bijvoorbeeld relevant zijn wanneer veranderingen al op relatief jonge leeftijd optreden of wanneer er onduidelijkheid bestaat over de oorzaak. Hoe zit het met speekseltesten? Sommige commerciële aanbieders gebruiken speekseltesten als basis om hormoonpreparaten samen te stellen. Volgens de medische bronnen waarop dit artikel is gebaseerd, is er onvoldoende onderbouwing om speekselmetingen routinematig te gebruiken voor het bepalen van een persoonlijke hormoondosering. Bespreek vragen over hormoonmetingen daarom bij voorkeur met je huisarts of gynaecoloog. Wat kun je verwachten van menopauzale hormoontherapie? MHT wordt binnen de reguliere gezondheidszorg toegepast bij vrouwen bij wie veranderingen rond de overgang veel invloed hebben op het dagelijks leven. Met name opvliegers, nachtelijk transpireren en veranderingen rondom de vagina kunnen redenen zijn om de mogelijkheden met een arts te bespreken. Heb je vooral te maken met vaginale droogheid? Lees dan ook ons artikel over een droge schede tijdens de menopauze. Het is tegelijkertijd belangrijk om hormoontherapie niet als oplossing voor iedere verandering rond de overgang te zien. Weinig energie, wisselende stemmingen, gevoelige gewrichten of veranderingen in concentratie kunnen meerdere oorzaken hebben. Daarom is persoonlijke medische beoordeling belangrijk wanneer veranderingen veel invloed hebben of langere tijd aanwezig blijven. Zijn bio-identieke hormonen automatisch veiliger? Nee. De term bio-identiek betekent op zichzelf niet dat een hormoonpreparaat automatisch veiliger is. Bij de medische afweging rond MHT spelen verschillende factoren een rol, zoals: het gebruikte hormoon; de dosering; de manier waarop het wordt toegediend; je leeftijd; het moment waarop met MHT wordt gestart; je medische voorgeschiedenis; je persoonlijke gezondheidssituatie. Ook de toedieningsvorm kan relevant zijn. Oestrogeen kan bijvoorbeeld via de huid of via een tablet worden gebruikt. Welke vorm bij je past, bespreek je met je arts. Mogelijke bijwerkingen Zoals bij andere geneesmiddelen kunnen ook bij menopauzale hormoontherapie bijwerkingen optreden. In de bronnen bij dit artikel worden onder andere genoemd: gespannen of gevoelige borsten; hoofdpijn; misselijkheid; tussentijds bloedverlies; vocht vasthouden; veranderingen in stemming. Wat iemand ervaart verschilt per persoon. Gebruik je voorgeschreven hormonen en merk je veranderingen waarover je je zorgen maakt? Neem dan contact op met je behandelend arts. Mogelijke risico's en persoonlijke afweging Hormoontherapie is niet voor iedere vrouw hetzelfde. Bij de keuze voor MHT houdt een arts rekening met je persoonlijke gezondheid en medische voorgeschiedenis. Factoren die daarbij onder andere relevant kunnen zijn, zijn: een doorgemaakte trombose of longembolie; een voorgeschiedenis van bepaalde hormoongevoelige aandoeningen; onverklaard vaginaal bloedverlies; bepaalde leveraandoeningen; een doorgemaakte beroerte of hartinfarct. Deze informatie is nadrukkelijk niet bedoeld om zelf te bepalen of je MHT wel of niet kunt gebruiken. Een huisarts of gynaecoloog kan jouw persoonlijke situatie beoordelen en samen met jou de mogelijkheden bespreken. Voor wie kan MHT een onderwerp van gesprek zijn? Je kunt MHT met je huisarts of gynaecoloog bespreken wanneer de veranderingen tijdens de overgang veel invloed hebben op je dagelijks leven. Denk bijvoorbeeld aan: veel of regelmatig opvliegers ervaren; veel nachtelijk transpireren; aanhoudende vaginale droogheid; veranderingen waardoor vrijen onaangenaam wordt. Er zijn daarnaast medische situaties, zoals een menopauze op jonge leeftijd, waarvoor andere aandachtspunten gelden. Hiervoor is persoonlijke begeleiding door een arts belangrijk. Sommige vrouwen merken tijdens de overgang ook hartkloppingen of veranderingen in hun gewrichten. Hormonen kunnen daarbij een rol spelen, maar dergelijke veranderingen kunnen ook andere oorzaken hebben. Lees meer in onze artikelen over hartkloppingen tijdens de overgang en gewrichten tijdens de menopauze. MHT wordt niet gebruikt als algemene manier om: veroudering tegen te gaan; de hormonen 'weer in balans' te brengen; de algemene gezondheid zonder specifieke medische aanleiding te verbeteren. Wat kun je zelf doen tijdens de (peri)menopauze? De overgang is een natuurlijke levensfase. Hoe je deze periode beleeft verschilt van persoon tot persoon. Je kunt de hormonale veranderingen niet voorkomen, maar je kunt wel aandacht besteden aan je algemene gezondheid en vitaliteit. Denk daarbij aan: gevarieerd eten; voldoende eiwitten; regelmatig bewegen; spierversterkende activiteiten; voldoende slaap; ontspanning; niet roken; aandacht voor een gezond lichaamsgewicht. Voeding tijdens de overgang Een gezond en gevarieerd voedingspatroon vormt een belangrijke basis voor je gezondheid, ook tijdens en na de overgang. Kies regelmatig voor: groente; fruit; volkorenproducten; peulvruchten; noten; gezonde vetten; voldoende eiwitten. Een voedingspatroon met veel plantaardige, weinig sterk bewerkte voedingsmiddelen past hier goed bij. Zorg voor voldoende eiwit Vanaf de middelbare leeftijd verandert de lichaamssamenstelling geleidelijk. Voldoende eiwitten zijn belangrijk voor de instandhouding en groei van spiermassa. Ook regelmatig bewegen en spierversterkende activiteiten spelen daarin een belangrijke rol. Hoeveel eiwit je persoonlijk nodig hebt, hangt onder andere samen met je leeftijd, lichaamsgewicht, voedingspatroon en activiteit. Calcium en vitamine D Ook aandacht voor je botten blijft tijdens en na de overgang belangrijk. Calcium haal je onder andere uit voeding. Daarnaast adviseert het Voedingscentrum vrouwen vanaf 50 jaar om dagelijks extra vitamine D te gebruiken. Dit advies heeft betrekking op de botgezondheid. Blijf regelmatig bewegen Regelmatig bewegen draagt bij aan je algemene gezondheid. Tijdens en na de overgang is het waardevol om zowel aan je conditie als aan je spieren aandacht te besteden. Beweging draagt onder andere bij aan: behoud van spierkracht; sterke botten; je conditie; je dagelijkse fitheid. Een combinatie van dagelijkse beweging, duurinspanning en spierversterkende oefeningen past goed binnen een actieve leefstijl. Lees ook ons artikel over gewrichten tijdens de menopauze. Slaap en ontspanning Ook je slaap kan tijdens de perimenopauze veranderen. Nachtelijk transpireren kan daarbij een rol spelen, maar ook stress, je dag- en nachtritme en andere omstandigheden hebben invloed op hoe je slaapt. Een regelmatig ritme, voldoende beweging en ruimte voor ontspanning kunnen bijdragen aan je algemene welzijn. Meer ideeën vind je in ons artikel over minder stress. En hoe zit het met supplementen? Voedingssupplementen zijn bedoeld als aanvulling op je voedingspatroon en leefstijl. Ze zijn geen vervanging voor een gevarieerde voeding en ook niet voor persoonlijk medisch advies of voorgeschreven medicatie. Welke gezondheidsclaims aan een supplement mogen worden gekoppeld, hangt af van de ingrediënten en de officieel toegestane claims voor die ingrediënten. Daarom is het belangrijk om niet alle supplementen die rondom de overgang worden verkocht over één kam te scheren. Magnesium Magnesium is een mineraal dat verschillende functies in het lichaam ondersteunt. Zo draagt magnesium bij aan: een normale spierwerking; een normaal energieleverend metabolisme; de normale werking van het zenuwstelsel; vermindering van vermoeidheid en moeheid; het behoud van sterke botten. Dat betekent niet automatisch dat magnesium een specifieke oplossing is voor veranderingen die tijdens de overgang voorkomen. Meer lezen over magnesium? Bekijk dan ons artikel over magnesium en signalen van een mogelijk tekort. Plantaardige ingrediënten Ook verschillende planten en kruiden worden gebruikt in supplementen voor vrouwen rond de overgang. Voor plantaardige ingrediënten gelden specifieke gezondheidsclaims en voorwaarden. Sommige van deze claims zijn nog in evaluatie. Daarom moet altijd per ingrediënt en per product worden bekeken welke formuleringen gebruikt mogen worden. Een voedingssupplement past binnen een gezonde leefstijl, maar vervangt geen gevarieerde voeding of persoonlijk medisch advies. Wanneer neem je contact op met de huisarts? Veranderingen tijdens de overgang horen vaak bij deze natuurlijke levensfase. Toch zijn er situaties waarin het verstandig is om contact op te nemen met je huisarts. Doe dat bijvoorbeeld wanneer je: veel meer vaginaal bloedverlies hebt dan je gewend bent; opnieuw bloedverlies krijgt nadat je al twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd; bloedverlies na seks opmerkt; plotseling duidelijke veranderingen in je menstruatiepatroon merkt; sterke of toenemende buik- of bekkenpijn ervaart; veranderingen ervaart die veel invloed hebben op je dagelijks functioneren; niet goed kunt plaatsen waar bepaalde lichamelijke veranderingen vandaan komen; vragen hebt over MHT of voorgeschreven hormonen. Maak je je zorgen over je gezondheid? Neem dan altijd contact op met een arts. Veelgestelde vragen over bio-identieke hormonen Zijn bio-identieke hormonen hetzelfde als natuurlijke hormonen? Nee. Bio-identiek betekent dat de chemische structuur gelijk is aan die van een hormoon dat het lichaam zelf aanmaakt. Natuurlijk verwijst doorgaans naar de oorsprong van een grondstof. De termen betekenen dus niet hetzelfde. Zijn bio-identieke hormonen veiliger dan andere hormonen? Dat kan niet op basis van het woord bio-identiek worden bepaald. De veiligheid van MHT hangt samen met verschillende factoren, waaronder het hormoon, de dosering, de toedieningsvorm en je persoonlijke gezondheidssituatie. Heb ik een hormoontest nodig? Meestal wordt bij vrouwen vanaf ongeveer 45 jaar vooral gekeken naar leeftijd, veranderingen in de menstruatiecyclus en wat iemand zelf merkt. Omdat hormoonwaarden tijdens de perimenopauze sterk kunnen schommelen, is één meting niet altijd informatief. Een arts kan bepalen of onderzoek in jouw situatie zinvol is. Worden bio-identieke hormonen gebruikt bij opvliegers? Geregistreerde bio-identieke hormonen, waaronder oestradiol en gemicroniseerd progesteron, kunnen onderdeel zijn van menopauzale hormoontherapie. Ervaar je veel opvliegers of andere veranderingen die je dagelijks functioneren beïnvloeden? Bespreek dan met je huisarts of gynaecoloog welke mogelijkheden bij je passen. Kun je ook zonder hormoontherapie door de overgang? Ja. Niet iedere vrouw gebruikt of heeft MHT nodig. De overgang is een natuurlijke levensfase en de ervaring verschilt sterk per persoon. Een gezonde leefstijl blijft voor iedereen belangrijk. Wanneer veranderingen veel invloed hebben op je dagelijks leven, kun je aanvullende mogelijkheden met je huisarts bespreken. Zijn bio-identieke hormonen geschikt voor iedere vrouw? Nee. Of MHT geschikt is, hangt af van je persoonlijke gezondheid en medische voorgeschiedenis. Laat je daarom altijd adviseren door een huisarts of gynaecoloog en start, wijzig of stop voorgeschreven hormonen niet op basis van algemene informatie op internet. Conclusie Bio-identieke hormonen zijn hormonen met dezelfde chemische structuur als hormonen die het lichaam zelf aanmaakt. 17β-oestradiol en gemicroniseerd progesteron zijn voorbeelden van bio-identieke hormonen die binnen de reguliere menopauzale hormoontherapie worden gebruikt. De term bio-identiek betekent niet automatisch dat een hormoon natuurlijker, veiliger of beter is. Ook is er een belangrijk verschil tussen geregistreerde hormoonpreparaten en individueel samengestelde producten. Of MHT bij je past, is een persoonlijke medische afweging die je samen met een huisarts of gynaecoloog maakt. Daarnaast blijft een gezonde leefstijl belangrijk. Voldoende bewegen, gevarieerd eten, voldoende eiwitten, een regelmatig slaapritme en aandacht voor ontspanning dragen bij aan je algemene gezondheid en vitaliteit tijdens en na de overgang. Disclaimer Deze informatie is uitsluitend bedoeld als algemene gezondheidsinformatie en vervangt geen persoonlijk advies van een arts of andere gekwalificeerde zorgverlener. Trek op basis van deze informatie geen zelfstandige conclusies over je persoonlijke gezondheid en start, wijzig of stop voorgeschreven medicatie niet zonder overleg met een gekwalificeerde zorgverlener. Neem bij vragen over je gezondheid, hormoontherapie, medicatie of supplementen contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). NHG-Standaard De overgang. https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/de-overgang National Institute for Health and Care Excellence (NICE). Menopause: identification and management (NG23). https://www.nice.org.uk/guidance/ng23 The Menopause Society. The 2022 Hormone Therapy Position Statement. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/35797481/ American College of Obstetricians and Gynecologists (ACOG). Compounded Bioidentical Menopausal Hormone Therapy. https://www.acog.org/clinical/clinical-guidance/clinical-consensus/articles/2023/11/compounded-bioidentical-menopausal-hormone-therapy The Menopause Society. The 2023 Nonhormone Therapy Position Statement. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/37252752/ Voedingscentrum. Vitamine D voor vrouwen vanaf 50 jaar. https://www.voedingscentrum.nl/nl/service/vraag-en-antwoord/gezonde-voeding-en-voedingsstoffen/heeft-een-vitale-50-plusser-extra-vitamines-nodig.aspx

Lees meer
|

Hormonen tijdens de overgang: wat gebeurt er in je lichaam?

Tijdens de overgang veranderen de hoeveelheden van verschillende hormonen in je lichaam. Vooral oestrogeen en progesteron spelen hierin een belangrijke rol. Ook follikelstimulerend hormoon (FSH) en luteïniserend hormoon (LH) veranderen. In de perimenopauze dalen je hormonen niet simpelweg geleidelijk. Vooral oestrogeen kan juist sterk schommelen. Tegelijkertijd worden eisprongen minder voorspelbaar, waardoor ook de productie van progesteron verandert. Na de menopauze worden de grote hormoonschommelingen meestal kleiner en blijven de oestrogeenspiegels gemiddeld lager dan tijdens de vruchtbare jaren. Waarom veranderen je hormonen tijdens de overgang? De overgang is een natuurlijke levensfase waarin de werking van je eierstokken geleidelijk verandert. Tijdens je vruchtbare jaren groeien iedere maand follikels in de eierstokken. Daarbij werken verschillende hormonen samen om je menstruatiecyclus en eisprong te regelen. Naarmate je ouder wordt, neemt de voorraad eicellen af en reageren de eierstokken minder voorspelbaar op hormonale signalen uit de hersenen. Daardoor veranderen ook de hoeveelheden oestrogeen en progesteron. Vooral tijdens de perimenopauze kunnen hormoonspiegels sterk wisselen. Na de menopauze worden deze schommelingen doorgaans minder. Wil je weten hoe dit proces binnen de verschillende levensfasen verloopt? Lees dan meer over de vier fases van de overgang. Welke hormonen veranderen tijdens de overgang? Verschillende hormonen werken samen bij het regelen van je menstruatiecyclus. Tijdens de overgang veranderen vooral: oestrogeen, waaronder oestradiol; progesteron; follikelstimulerend hormoon (FSH); luteïniserend hormoon (LH). Deze hormonen beïnvloeden elkaar. De overgang kun je daarom niet goed uitleggen als een simpel tekort aan één hormoon. Wat gebeurt er met oestrogeen tijdens de overgang? Oestrogeen is een verzamelnaam voor verschillende hormonen. Tijdens de vruchtbare levensfase is oestradiol de belangrijkste vorm. Oestrogeen speelt onder andere een rol bij: de menstruatiecyclus en eisprong; de botten; de vagina en urinewegen; de huid; de temperatuurregulatie; hart en bloedvaten. Heb je tijdens de overgang een oestrogeentekort? De overgang wordt soms omschreven als een periode van een oestrogeentekort, maar vooral tijdens de perimenopauze is dat te eenvoudig. De hoeveelheid oestradiol kan in deze fase juist sterk schommelen. Op sommige momenten kan deze relatief hoog zijn en op andere momenten juist lager. Na de menopauze blijven de oestrogeenspiegels gemiddeld lager dan tijdens de vruchtbare jaren. Het is daarom belangrijk onderscheid te maken tussen de hormonale schommelingen vóór de menopauze en de lagere oestrogeenspiegels daarna. Wat gebeurt er met progesteron? Progesteron wordt voornamelijk aangemaakt na een eisprong. Tijdens de perimenopauze vinden eisprongen minder regelmatig plaats. Daardoor verandert ook de hoeveelheid progesteron die je lichaam produceert. Dit kan samengaan met veranderingen in je menstruatiepatroon. Hoe je cyclus verandert, verschilt echter sterk per persoon. Wat doen FSH en LH tijdens de overgang? FSH staat voor follikelstimulerend hormoon en LH voor luteïniserend hormoon. Beide hormonen worden aangemaakt in de hypofyse in de hersenen. Tijdens de vruchtbare jaren helpen FSH en LH onder andere bij de rijping van follikels, de eisprong en de productie van geslachtshormonen. Wanneer de eierstokken tijdens de overgang minder sterk reageren op deze signalen, stijgt FSH gemiddeld. Na de menopauze zijn FSH-waarden daarom doorgaans hoger dan tijdens de vruchtbare jaren. Tijdens de perimenopauze kunnen hormoonwaarden echter sterk schommelen. Eén losse hormoonmeting geeft daarom niet altijd betrouwbaar aan waar je je precies in de overgang bevindt. Wat gebeurt er met je menstruatie tijdens de overgang? Een veranderend menstruatiepatroon is een belangrijk kenmerk van de perimenopauze. Doordat eisprongen minder voorspelbaar worden, kan ook het moment waarop je ongesteld wordt veranderen. Je kunt bijvoorbeeld merken dat: je menstruatie eerder of later komt; er soms een menstruatie uitblijft; je cyclus korter of langer wordt; de hoeveelheid bloedverlies verandert. Kun je op latere leeftijd nog ongesteld worden? Ja. Zolang de menopauze nog niet heeft plaatsgevonden, kunnen menstruaties blijven optreden, ook wanneer ze steeds minder regelmatig worden. De natuurlijke menopauze vindt meestal plaats tussen ongeveer het 45e en 55e levensjaar. Je weet pas achteraf dat je laatste menstruatie daadwerkelijk de menopauze was, nadat je twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd. Meer hierover lees je in ons artikel over wanneer de menopauze plaatsvindt. Kan je menstruatie pijnlijker worden tijdens de overgang? Sommige vrouwen merken tijdens de perimenopauze dat hun menstruatie anders aanvoelt of pijnlijker wordt. Een pijnlijke menstruatie tijdens de overgang hoeft echter niet automatisch door hormonale veranderingen te komen. Menstruatiepijn kan verschillende oorzaken hebben. Nieuwe, hevige of toenemende pijn verdient daarom medische beoordeling, zeker wanneer je daarnaast zeer hevig bloedverlies, bloedverlies tussen menstruaties of andere nieuwe klachten hebt. Welke veranderingen kun je door hormonen merken? Hormonale veranderingen kunnen een rol spelen bij verschillende overgangsverschijnselen. Denk bijvoorbeeld aan: opvliegers en nachtzweten; veranderingen in de menstruatiecyclus; vaginale droogheid; veranderingen in slaap; veranderingen in stemming of concentratie. Niet iedere klacht die tijdens deze levensfase voorkomt, is echter rechtstreeks of uitsluitend hormonaal. Wil je vooral weten welke veranderingen en klachten kunnen voorkomen? Bekijk dan ons uitgebreide overzicht van menopauze symptomen. Waarom krijg je opvliegers tijdens de overgang? Opvliegers behoren tot de overgangsverschijnselen die duidelijk samenhangen met veranderingen in de temperatuurregulatie van het lichaam. De hypothalamus in de hersenen speelt een belangrijke rol bij het regelen van je lichaamstemperatuur. Veranderingen in de hormonale omgeving rond de menopauze kunnen dit systeem beïnvloeden, waardoor kleine temperatuurverschillen sneller een warmte-reactie kunnen uitlokken. Een opvlieger kan onder andere merkbaar zijn als een plotseling warm gevoel, zweten, roodheid van de huid of een versnelde hartslag. Meer hierover lees je in ons artikel over opvliegers tijdens de overgang. Kan duizeligheid voorkomen tijdens de overgang? Duizeligheid kan rond de overgang voorkomen, maar is geen specifiek symptoom waarmee je kunt vaststellen dat hormoonschommelingen de oorzaak zijn. Er zijn veel mogelijke oorzaken van duizeligheid, bijvoorbeeld bloedarmoede, bloeddrukveranderingen, onvoldoende eten of drinken, medicatie, evenwichtsproblemen en andere medische aandoeningen. Het is daarom verstandig om terugkerende, nieuwe of ernstige duizeligheid niet automatisch aan de overgang toe te schrijven. Neem contact op met je huisarts wanneer de duizeligheid aanhoudt, ernstig is, je flauwvalt of er andere nieuwe klachten bijkomen. Kun je onrustige benen krijgen tijdens de overgang? Onrustige of rusteloze benen kunnen rond dezelfde levensfase voorkomen, maar zijn geen specifiek symptoom van de overgang. Bij het rustelozebenensyndroom ontstaat vaak een sterke behoefte om de benen te bewegen, vooral tijdens rust en in de avond of nacht. Er kunnen verschillende factoren een rol spelen, waaronder ijzertekort en bepaalde medicijnen. Heb je hier regelmatig last van of verstoort het je slaap? Bespreek dit dan met je huisarts. Hormonen, slaap en stemming Sommige vrouwen merken tijdens de perimenopauze veranderingen in slaap of stemming. Hormoonschommelingen kunnen hierbij een rol spelen, maar zijn meestal niet de enige factor. Ook stress, werk, gezin, beweging, slaaptekort en andere gezondheidsproblemen kunnen invloed hebben op hoe je je voelt. Daarom is het verstandig om veranderingen in slaap of stemming niet automatisch uitsluitend als hormonaal probleem te beschouwen. Waarom kan vaginale droogheid ontstaan? Oestrogeen speelt een rol bij de slijmvliezen van de vagina en urinewegen. Wanneer de oestrogeenspiegels rond en na de menopauze gemiddeld lager worden, kunnen deze weefsels veranderen. Je kunt bijvoorbeeld droogheid, gevoeligheid of ongemak tijdens seks ervaren. Deze veranderingen kunnen ook na de menopauze aanwezig blijven. Lees meer over vaginale droogheid tijdens de menopauze. Wat te doen bij de overgang? Je kunt de natuurlijke hormonale veranderingen van de overgang niet voorkomen of zelf terugdraaien. Wel kun je aandacht besteden aan je algemene gezondheid en zijn er behandelmogelijkheden wanneer overgangsklachten veel invloed hebben op je dagelijks leven. Een gezonde basis bestaat onder andere uit: gevarieerd en volwaardig eten; voldoende bewegen; regelmatig spierversterkende activiteiten doen; niet roken; bewust omgaan met alcohol; aandacht besteden aan slaap en ontspanning. Bij hinderlijke overgangsklachten zijn er ook medische behandelingen beschikbaar. Welke behandeling geschikt is, hangt af van je klachten, medische voorgeschiedenis en persoonlijke situatie. Lees voor een uitgebreider overzicht van zelfzorg en medische mogelijkheden onze gids over overgangsklachten en behandeling. Wanneer contact opnemen met de huisarts? Veel veranderingen kunnen bij de overgang passen, maar niet iedere klacht is automatisch hormonaal. Neem bijvoorbeeld contact op met je huisarts wanneer je: veel meer of langduriger vaginaal bloedverlies hebt dan je gewend bent; opnieuw vaginaal bloedverlies krijgt nadat je twaalf maanden niet hebt gemenstrueerd; bloedverlies tijdens of na seks hebt; nieuwe of ernstige pijn ervaart; regelmatig of ernstig duizelig bent of flauwvalt; veranderingen ervaart die veel invloed hebben op je dagelijks functioneren; niet goed kunt plaatsen waar lichamelijke veranderingen vandaan komen; vragen hebt over hormoontherapie; je zorgen maakt over je gezondheid. Veelgestelde vragen over hormonen tijdens de overgang Welke hormonen veranderen tijdens de overgang? Vooral oestrogeen en progesteron veranderen. Daarnaast veranderen ook FSH en LH doordat de eierstokken anders reageren op hormonale signalen vanuit de hersenen. Daalt oestrogeen tijdens de overgang? Uiteindelijk wel, maar niet in een rechte lijn. Tijdens de perimenopauze kan oestradiol sterk schommelen en soms relatief hoog zijn. Na de menopauze blijven de oestrogeenspiegels gemiddeld lager. Waarom komt mijn menstruatie ineens later? Tijdens de perimenopauze worden eisprongen minder voorspelbaar. Daardoor kan de lengte van je menstruatiecyclus veranderen en kan je menstruatie eerder, later of soms helemaal niet komen. Kunnen hormonen duizeligheid veroorzaken tijdens de overgang? Duizeligheid kan rond de overgang voorkomen, maar heeft veel mogelijke oorzaken. Je kunt daarom niet op basis van duizeligheid concluderen dat hormoonschommelingen de oorzaak zijn. Zijn onrustige benen een symptoom van de overgang? Onrustige benen kunnen in dezelfde levensfase voorkomen, maar zijn geen specifiek overgangssymptoom. Andere factoren, zoals ijzertekort of medicatie, kunnen eveneens relevant zijn. Kun je je hormonen tijdens de overgang in balans brengen? De term ‘hormonen in balans brengen’ heeft geen duidelijke medische definitie. De veranderingen in oestrogeen, progesteron, FSH en LH horen bij het natuurlijke verloop van de overgang en zijn niet simpelweg met voeding of supplementen te normaliseren. Samengevat Tijdens de overgang veranderen vooral oestrogeen, progesteron, FSH en LH. Tijdens de perimenopauze kunnen hormoonspiegels sterk schommelen en worden eisprongen minder voorspelbaar. Daardoor kan onder andere je menstruatiepatroon veranderen. Ook opvliegers, nachtzweten en vaginale veranderingen hangen samen met de hormonale veranderingen rond de menopauze. Niet iedere klacht rond deze leeftijd heeft echter een hormonale oorzaak. Dat geldt bijvoorbeeld voor duizeligheid, pijn en onrustige benen. Nieuwe, ernstige of aanhoudende klachten verdienen daarom medische beoordeling. Medische disclaimer De medische informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld als algemene informatie en is geen vervanging voor persoonlijk medisch advies, een diagnose of behandeling. Gebruik de informatie niet om zelf een medische aandoening vast te stellen of een behandeling te starten, te wijzigen of te stoppen. Neem bij klachten, vragen over medicatie of supplementen, of zorgen over je gezondheid contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). NHG-Standaard De overgang . National Institute for Health and Care Excellence (NICE). Menopause: identification and management (NG23) .

Lees meer
vrouw in de overgang met handwaaier

De 4 fases van de overgang: van premenopauze tot postmenopauze uitgelegd

fases menopauze, wat jij moet weten over de vier fases van de overgang

Lees meer
||||

Menopauze: betekenis, veranderingen en alles wat je moet weten over de overgang

De menopauze is het moment waarop je je laatste menstruatie hebt gehad. Omdat je pas zeker weet dat een menstruatie de laatste was wanneer je daarna twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd, wordt de menopauze altijd achteraf vastgesteld. De menopauze en de overgang betekenen dus niet hetzelfde. De overgang is de langere levensfase rondom de menopauze waarin je menstruatiecyclus en hormoonspiegels veranderen. De menopauze is één specifiek moment binnen die periode. Wat is de betekenis van menopauze? De betekenis van menopauze is letterlijk het moment van de laatste menstruatie. De menopauze is een natuurlijk onderdeel van het ouder worden en markeert het einde van de vruchtbare levensfase. In de jaren voorafgaand aan de menopauze verandert de werking van de eierstokken. Eisprongen worden minder regelmatig en de productie van onder andere oestrogeen en progesteron verandert. Uiteindelijk blijven de menstruaties definitief weg. De menopauze zelf duurt dus niet meerdere jaren. Het gaat om één moment: je laatste menstruatie. Pas wanneer je daarna twaalf maanden achter elkaar niet meer hebt gemenstrueerd, kan achteraf worden vastgesteld wanneer de menopauze heeft plaatsgevonden. Wat is het verschil tussen de menopauze en de overgang? De termen menopauze en overgang worden vaak door elkaar gebruikt, maar hebben medisch gezien een andere betekenis. Overgang: de bredere levensfase rondom de menopauze waarin onder andere je menstruatiecyclus en hormoonspiegels veranderen. Menopauze: je laatste menstruatie, achteraf vastgesteld na twaalf maanden zonder menstruatie. Postmenopauze: de levensfase na de menopauze. Ook de perimenopauze is een belangrijke term. Dit is de periode rond de menopauze waarin veranderingen in de menstruatiecyclus en andere overgangsverschijnselen kunnen optreden. Wil je precies weten hoe deze verschillende periodes zich tot elkaar verhouden? Lees dan meer over de vier fases van de overgang. Wanneer vindt de menopauze plaats? De menopauze vindt niet bij iedereen op dezelfde leeftijd plaats. Gemiddeld gebeurt dit rond het 51e levensjaar, maar individuele verschillen zijn normaal. De overgang kan al vóór de menopauze merkbaar worden. Veranderingen in het menstruatiepatroon zijn vaak een van de eerste signalen dat je de perimenopauze bent ingegaan. Wil je specifiek weten op welke leeftijd dit meestal gebeurt en hoe je het moment herkent? Lees dan verder over wanneer de menopauze plaatsvindt. Wat zijn de eerste symptomen van de overgang? De eerste symptomen van de overgang verschillen per persoon. Een veranderend menstruatiepatroon is vaak een van de eerste veranderingen die opvalt. Je menstruatie kan bijvoorbeeld korter of langer duren, heviger of juist lichter worden of minder voorspelbaar komen. Andere veranderingen die rond het begin van de overgang kunnen voorkomen zijn: opvliegers of nachtelijk transpireren; anders of minder goed slapen; veranderingen in stemming of concentratie; vaginale droogheid; veranderingen in libido. Niet iedere verandering die rond deze leeftijd ontstaat, wordt automatisch door de overgang veroorzaakt. Ook slaap, stress, medicatie, andere gezondheidsproblemen en persoonlijke omstandigheden kunnen invloed hebben op hoe je je voelt. Wil je uitgebreider weten welke veranderingen kunnen voorkomen? Bekijk dan het overzicht van symptomen rond de menopauze. Voor een breder overzicht van klachten en mogelijke ondersteuning kun je ook verder lezen over overgangsklachten en overgangsverschijnselen. Wat gebeurt er met je hormonen rond de menopauze? Tijdens de overgang verandert de werking van de eierstokken en verandert de productie van onder andere oestrogeen en progesteron. Vooral tijdens de perimenopauze kunnen hormoonspiegels sterk schommelen. Na de menopauze blijft de hoeveelheid oestrogeen doorgaans lager dan tijdens de vruchtbare levensfase. Deze hormonale veranderingen kunnen een rol spelen bij verschillende veranderingen die rond de menopauze optreden. Ze verklaren echter niet automatisch iedere lichamelijke of psychische klacht. Meer weten over oestrogeen, progesteron, FSH en LH? Lees dan het uitgebreide artikel over hormonen tijdens de overgang. Hoe lang duurt de menopauze? De menopauze zelf heeft geen duur: het is het moment van de laatste menstruatie. De overgang duurt wel meerdere jaren. Hoe lang de perimenopauze duurt en hoe lang overgangsverschijnselen aanwezig blijven, verschilt sterk per persoon. Na de menopauze begint de postmenopauze. Deze levensfase duurt de rest van je leven. Wat verandert er na de menopauze? Na de menopauze nemen de sterke hormonale schommelingen die kenmerkend kunnen zijn voor de perimenopauze doorgaans af. De hoeveelheid oestrogeen blijft wel lager dan vóór de menopauze. Sommige overgangsverschijnselen kunnen na verloop van tijd afnemen, terwijl andere langer aanwezig kunnen blijven. Ook je gezondheid op langere termijn verdient aandacht. Na de menopauze zijn onder andere botgezondheid, spiermassa en hart- en vaatgezondheid belangrijke onderdelen van algemene preventieve gezondheidszorg. Regelmatig bewegen, niet roken, gevarieerd eten, voldoende slapen en bewust omgaan met alcohol dragen bij aan je algemene gezondheid. Meer praktische informatie vind je in onze leefstijltips tijdens de (peri)menopauze. Wanneer contact opnemen met de huisarts? De overgang is een natuurlijke levensfase, maar niet iedere verandering die rond deze leeftijd ontstaat hoort automatisch bij de overgang. Neem bijvoorbeeld contact op met je huisarts wanneer je: veel meer of langduriger vaginaal bloedverlies hebt dan je gewend bent; opnieuw vaginaal bloedverlies krijgt nadat je twaalf maanden niet hebt gemenstrueerd; bloedverlies tijdens of na seks hebt; klachten ervaart die veel invloed hebben op je dagelijks functioneren; niet goed kunt plaatsen waar lichamelijke veranderingen vandaan komen; vragen hebt over behandeling, waaronder menopauzale hormoontherapie; je zorgen maakt over je gezondheid. Je huisarts kan beoordelen of veranderingen bij de overgang kunnen passen of dat verder onderzoek nodig is. Veelgestelde vragen over de menopauze Wat betekent menopauze? De menopauze betekent dat je je laatste menstruatie hebt gehad. Je kunt pas achteraf vaststellen wanneer deze plaatsvond: nadat je twaalf maanden niet meer hebt gemenstrueerd. Is de menopauze hetzelfde als de overgang? Nee. De menopauze is één moment binnen de overgang: je laatste menstruatie. De overgang is de langere levensfase rondom dit moment. Wat zijn de eerste symptomen van de overgang? Een verandering in je menstruatiepatroon is vaak een van de eerste tekenen. Daarnaast kunnen onder andere opvliegers, nachtelijk transpireren, slaapproblemen en veranderingen in stemming optreden. Welke veranderingen je als eerste merkt, verschilt per persoon. Wat betekent perimenopauze? De perimenopauze is de periode rond de menopauze waarin de werking van de eierstokken verandert. Je menstruatie kan onregelmatiger worden en er kunnen overgangsverschijnselen ontstaan. Wat betekent postmenopauze? De postmenopauze is de levensfase na de menopauze. Deze begint nadat twaalf maanden zijn verstreken sinds je laatste menstruatie. Wanneer vindt de menopauze gemiddeld plaats? De gemiddelde leeftijd ligt rond de 51 jaar, maar de menopauze kan eerder of later plaatsvinden. Kun je nog zwanger worden tijdens de overgang? Tijdens de perimenopauze kunnen nog eisprongen plaatsvinden en is zwangerschap daarom nog mogelijk. Heb je geen kinderwens, bespreek dan met je huisarts hoe lang anticonceptie in jouw situatie nodig is. Samenvatting: wat betekent menopauze? De menopauze betekent je laatste menstruatie en is één specifiek moment binnen de overgang. Omdat je dit pas achteraf kunt vaststellen, weet je pas na twaalf maanden zonder menstruatie wanneer de menopauze heeft plaatsgevonden. De overgang is de langere levensfase rondom dit moment. Tijdens deze periode veranderen onder andere de menstruatiecyclus en de productie van oestrogeen en progesteron. Welke veranderingen je merkt en hoe lang deze aanwezig blijven, verschilt per persoon. Medische disclaimer De medische informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld als algemene informatie en is geen vervanging voor persoonlijk medisch advies, een diagnose of behandeling. Gebruik de informatie niet om zelf een medische aandoening vast te stellen of een behandeling te starten, te wijzigen of te stoppen. Neem bij klachten, vragen over medicatie of supplementen, of zorgen over je gezondheid contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). NHG-Standaard De overgang . National Institute for Health and Care Excellence (NICE). Menopause: identification and management (NG23) .

Lees meer
Pijnlijke gewrichten overgang

Pijnlijke gewrichten tijdens de overgang: mogelijke oorzaken en wat kun je doen?

Dit is een informatiepagina over spieren en gewrichten tijdens de overgang. De informatie is algemeen van aard en staat los van de werking of toepassing van de producten van Viv Support. Sommige vrouwen merken tijdens de overgang dat hun gewrichten stijver of gevoeliger aanvoelen. Dat kan bijvoorbeeld merkbaar zijn rond de knieën, heupen, schouders, handen of voeten. Hormonale veranderingen kunnen hierbij mogelijk een rol spelen. Tegelijkertijd hebben ook leeftijd, spierkracht, dagelijkse belasting, slaap, stress, beweging en algemene gezondheid invloed op hoe spieren en gewrichten aanvoelen. Het is daarom beter om pijn of stijfheid niet automatisch aan de overgang toe te schrijven. Komen stijve of gevoelige gewrichten tijdens de overgang voor? Veel vrouwen melden tijdens de perimenopauze en de jaren rond de menopauze veranderingen aan spieren en gewrichten. Je kunt bijvoorbeeld merken: stijfheid bij het opstaan; gevoelige knieën; stijvere schouders; gevoelige handen of vingers; pijn rond de heupen; spierpijn; dat bewegen na rust even op gang moet komen. Hoe sterk je dit merkt verschilt per persoon. Ook hoeft de overgang niet de enige verklaring te zijn. Dagelijkse belasting, sport, spierkracht, een eerdere blessure en leeftijd kunnen allemaal invloed hebben. Wil je meer weten over de verschillende fases? Lees dan ook De 4 fases van de overgang. Welke rol kunnen hormonen spelen? Tijdens de overgang verandert de aanmaak van onder andere oestrogeen. Oestrogeen is betrokken bij verschillende weefsels en processen in het lichaam, waaronder: botten; spieren; pezen; bindweefsel; gewrichten. Onderzoekers bestuderen hoe hormonale veranderingen rondom de menopauze samenhangen met veranderingen in het bewegingsapparaat. De precieze relatie is complex. Ook factoren zoals ouder worden, dagelijkse belasting, lichaamsbeweging, slaap en algemene gezondheid spelen mee. Daarom is het moeilijk om veranderingen aan spieren of gewrichten aan één hormoon toe te schrijven. Meer weten over hormonen tijdens deze periode? Lees dan Hormonen tijdens de overgang. Welke veranderingen kun je merken? Spieren en gewrichten kunnen op verschillende manieren anders aanvoelen. Denk bijvoorbeeld aan: stijver opstaan; gevoeligheid na een periode van rust; minder gemakkelijk traplopen; stijvere vingers; gevoelige schouders; gevoelige knieën; pijn rond de heupen; spierpijn; minder soepel bewegen. Sommige vrouwen merken dat bewegen gedurende de dag juist prettig voelt. Bij anderen wordt gevoeligheid sterker wanneer een gewricht lange tijd of intensief wordt belast. Kijk daarom vooral naar je eigen lichaam en bouw beweging geleidelijk op. Spierpijn en gewrichtspijn: wat is het verschil? Spier- en gewrichtspijn kunnen tegelijkertijd voorkomen, maar voelen niet altijd hetzelfde. Spierpijn voel je voornamelijk in het spierweefsel. Dat kan bijvoorbeeld duidelijker worden wanneer je een spier aanspant of erop drukt. Gewrichtspijn wordt meestal rond een gewricht gevoeld. Ook pezen en de aanhechtingen tussen spieren en botten kunnen gevoelig worden. Het is niet altijd eenvoudig om zelf te bepalen waar pijn precies vandaan komt. Blijft deze langere tijd aanwezig of wordt bewegen steeds moeilijker? Bespreek dit dan met je huisarts of fysiotherapeut. Kan gewrichtspijn ook een andere oorzaak hebben? Ja. Pijn of stijfheid rond een gewricht hoeft niet door de overgang te komen. Andere factoren kunnen bijvoorbeeld zijn: overbelasting; een eerdere blessure; verandering van spierkracht; veranderingen aan pezen; veranderingen in een gewricht; ontsteking; bepaalde geneesmiddelen; veranderingen in de schildklierwerking; een tekort aan bepaalde voedingsstoffen; andere lichamelijke factoren. Daarom is het verstandig om nieuwe, opvallende of langdurige pijn niet automatisch aan hormonale veranderingen toe te schrijven. Lees ook ons artikel over veelvoorkomende veranderingen rond de menopauze. Wat kun je zelf doen voor je spieren en gewrichten? Een actieve leefstijl en volwaardig voedingspatroon vormen een belangrijke basis voor je algemene spier-, bot- en gewrichtsgezondheid. 1. Blijf regelmatig bewegen Het kan verleidelijk zijn om minder te bewegen wanneer een gewricht gevoelig of stijf aanvoelt. Toch blijft regelmatige beweging belangrijk. Bewegen draagt onder andere bij aan: behoud van spierkracht; je conditie; dagelijkse mobiliteit; het behoud van sterke botten; je algemene fitheid. Kies activiteiten die passen bij je lichaam en conditie. Denk bijvoorbeeld aan: wandelen; fietsen; zwemmen; yoga; pilates; krachttraining. Heb je langere tijd weinig bewogen? Bouw de duur en intensiteit dan rustig op. 2. Doe regelmatig spierversterkende oefeningen Vanaf de middelbare leeftijd verandert de hoeveelheid spiermassa geleidelijk. Daarom is het waardevol om naast dagelijkse beweging ook spierversterkende activiteiten te doen. Krachttraining draagt bij aan de groei en instandhouding van spiermassa. Je hoeft daarvoor niet per se naar een sportschool. Je kunt bijvoorbeeld werken met: je eigen lichaamsgewicht; weerstandsbanden; lichte gewichten; fitnessapparatuur. Kies oefeningen die passen bij je niveau en bouw geleidelijk op. 3. Zorg voor voldoende eiwitten Eiwitten dragen bij aan de groei en instandhouding van spiermassa. Een gevarieerd voedingspatroon met voldoende eiwit is daarom belangrijk, zeker wanneer je regelmatig beweegt. Eiwitrijke voedingsmiddelen zijn bijvoorbeeld: peulvruchten; zuivel; eieren; vis; kip; tofu; tempeh; noten. Hoeveel eiwit je precies nodig hebt hangt onder andere af van je lichaamsgewicht, leeftijd en hoeveelheid lichaamsbeweging. 4. Besteed aandacht aan calcium en vitamine D Ook je botten verdienen tijdens en na de overgang aandacht. Calcium is nodig voor het behoud van sterke botten. Vitamine D draagt onder andere bij aan: sterke botten; een normale opname van calcium; een normale spierwerking. Het Voedingscentrum adviseert vrouwen vanaf 50 jaar dagelijks extra vitamine D te gebruiken. Meer algemene informatie over deze levensfase lees je in Menopauze: betekenis, veranderingen en alles wat je moet weten over de overgang. 5. Besteed aandacht aan slaap en ontspanning Hoe je slaapt en hoeveel stress je ervaart kan invloed hebben op hoe je je lichamelijk voelt. Tijdens de overgang kan de nachtrust bijvoorbeeld veranderen door nachtelijk transpireren, opvliegers of een drukke levensfase. Probeer daarom voldoende herstelmomenten in te bouwen. Denk aan: een regelmatig slaapritme; voldoende beweging overdag; ontspanning in de avond; bewust omgaan met cafeïne en alcohol; voldoende rust tussen intensieve trainingen. Meer ideeën vind je in Leefstijltips tijdens de (peri)menopauze. Hoe passen fyto-oestrogenen binnen je voeding? Fyto-oestrogenen zijn plantaardige stoffen die onder andere voorkomen in: soja; tofu; tempeh; peulvruchten; lijnzaad. Fyto-oestrogenen zijn niet hetzelfde als het oestradiol dat je lichaam zelf aanmaakt en vullen lichaamseigen oestrogeen niet simpelweg aan. Voedingsmiddelen zoals soja, peulvruchten en zaden kunnen wel prima onderdeel zijn van een gezond en gevarieerd voedingspatroon. Zie ze daarom vooral als voedingsmiddelen en niet als vervanging voor lichaamseigen hormonen of persoonlijk medisch advies. En hoe zit het met supplementen? Voedingssupplementen zijn een aanvulling op een gevarieerd voedingspatroon en gezonde leefstijl. Welke gezondheidsclaims bij een supplement mogen worden gebruikt, hangt af van de specifieke ingrediënten. Daarom is het belangrijk om algemene supplementen niet rechtstreeks te koppelen aan gewrichtspijn tijdens de overgang. Vitamine D Vitamine D draagt bij aan: het behoud van sterke botten; een normale spierwerking; een normale opname van calcium. Daarnaast geldt in Nederland voor vrouwen vanaf 50 jaar het advies om dagelijks extra vitamine D te gebruiken. Dit advies is gericht op algemene gezondheid en staat niet gelijk aan een specifieke werking bij pijnlijke gewrichten. Magnesium Magnesium ondersteunt verschillende normale functies van het lichaam. Magnesium: draagt bij aan een normale spierwerking; speelt een rol bij het behoud van sterke en soepele spieren; draagt bij aan het behoud van sterke botten; ondersteunt het energieleverende metabolisme; heeft een positieve invloed op de werking van het zenuwstelsel; draagt bij tot de vermindering van vermoeidheid en moeheid. Dat betekent niet dat magnesium specifiek bedoeld is om gewrichtspijn tijdens de overgang weg te nemen. Meer lezen? Bekijk dan ons artikel over magnesium en signalen van een mogelijk tekort. Omega 3 en collageen Omega 3-vetzuren komen van nature voor in onder andere vette vis. Collageen is een lichaamseigen eiwit dat onderdeel is van verschillende weefsels. Voor supplementen met dergelijke ingrediënten moet altijd afzonderlijk worden bekeken welke gezondheidsclaims wettelijk gebruikt mogen worden. Koppel ze daarom niet zonder passende onderbouwing aan veranderingen die tijdens de overgang worden ervaren. Is gewrichtspijn hetzelfde als artrose? Nee. Gewrichtspijn beschrijft wat iemand voelt. Artrose is een medische term voor structurele veranderingen in een gewricht. Bij artrose kunnen bijvoorbeeld stijfheid en pijn bij bewegen voorkomen. Dergelijke signalen zijn echter niet specifiek genoeg om zelf te bepalen wat er aan de hand is. Ook overbelasting, pezen, spieren en andere gewrichtsveranderingen kunnen een rol spelen. Een huisarts kan beoordelen of verder onderzoek nodig is. Wanneer is een gewricht plotseling extra gevoelig? Een gewricht dat plotseling sterk verandert verdient extra aandacht. Neem contact op met een arts wanneer een gewricht bijvoorbeeld: plotseling sterk pijnlijk wordt; duidelijk opzwelt; warm aanvoelt; rood wordt; nauwelijks te bewegen of belasten is. Zeker wanneer je je daarnaast ziek voelt of koorts hebt, is beoordeling door een arts belangrijk. Kan menopauzale hormoontherapie invloed hebben op gewrichten? Onderzoekers kijken ook naar mogelijke verbanden tussen menopauzale hormoontherapie en veranderingen aan spieren en gewrichten. MHT wordt echter niet uitsluitend ingezet met als doel gewrichtspijn te veranderen. Gebruik je MHT of overweeg je dit vanwege andere veranderingen rond de overgang? Bespreek je persoonlijke situatie dan met je huisarts of gynaecoloog. De beslissing om MHT te gebruiken is individueel en hangt onder andere af van je gezondheid, medische voorgeschiedenis en wat je tijdens de overgang ervaart. Meer uitleg vind je in ons artikel over bio-identieke hormonen bij de (peri)menopauze. Wanneer kan fysiotherapie zinvol zijn? Een fysiotherapeut kan ondersteuning bieden wanneer pijn, stijfheid of afgenomen spierkracht bewegen moeilijker maakt. Een fysiotherapeut kan bijvoorbeeld samen met je kijken naar: geleidelijk opbouwen van beweging; spierversterkende oefeningen; belasting en herstel; mobiliteit; balans; dagelijkse beweging. Welk programma passend is hangt af van je conditie, huidige belastbaarheid en persoonlijke doelen. Wordt pijn tijdens of na het bewegen duidelijk sterker, ontstaat er zwelling of kun je een gewricht nauwelijks belasten? Laat dit dan eerst beoordelen. Wanneer neem je contact op met je huisarts? Maak een afspraak met je huisarts wanneer bijvoorbeeld: pijn meerdere weken aanwezig blijft; pijn steeds sterker wordt; stijfheid of pijn je slaap, werk of dagelijkse beweging sterk beïnvloedt; meerdere gewrichten tegelijkertijd gevoelig of gezwollen worden; een gewricht regelmatig warm, rood of dik wordt; je duidelijke spierzwakte merkt; je je daarnaast ziek voelt of koorts hebt; de pijn ontstond na een val of blessure; je niet meer goed kunt staan, lopen of een arm gebruiken. Laat nieuwe of langdurige pijn niet automatisch verklaren door de overgang. Je huisarts kan beoordelen of verder onderzoek of aanvullende begeleiding zinvol is. Is een botscan nodig bij pijnlijke gewrichten? Een botdichtheidsmeting, ook wel DXA-scan, wordt niet standaard uitgevoerd vanwege gewrichtspijn. Een arts kan een botdichtheidsmeting overwegen wanneer er andere redenen zijn om extra aandacht aan de botgezondheid te besteden. Denk bijvoorbeeld aan: een eerdere botbreuk na een relatief kleine val; langdurig gebruik van bepaalde geneesmiddelen; een zeer vroege menopauze; een laag lichaamsgewicht; andere factoren die de botgezondheid kunnen beïnvloeden. Een huisarts kan beoordelen of een dergelijke meting in jouw persoonlijke situatie zinvol is. Veelgestelde vragen over gewrichten tijdens de overgang Komen pijnlijke gewrichten tijdens de overgang voor? Veranderingen aan spieren en gewrichten worden regelmatig gemeld rond de peri- en postmenopauze. Dat betekent niet dat iedere vorm van gewrichtspijn rechtstreeks door hormonale veranderingen wordt veroorzaakt. Ook leeftijd, belasting, spieren, slaap en algemene gezondheid spelen mee. Veroorzaakt minder oestrogeen gewrichtspijn? De relatie is niet zo eenvoudig. Oestrogeen is betrokken bij verschillende weefsels in het bewegingsapparaat en hormonale veranderingen kunnen mogelijk een rol spelen. Tegelijkertijd kunnen veel andere factoren invloed hebben. Het is daarom beter om niet automatisch één hormonale oorzaak aan te wijzen. Welke beweging is het beste? De beste beweging is een vorm die past bij je lichaam, conditie en persoonlijke doelen en die je kunt volhouden. Een combinatie van: dagelijkse beweging; conditietraining; spierversterkende oefeningen; mobiliteit; vormt voor veel mensen een goede basis. Bouw rustig op en vraag zo nodig begeleiding van een fysiotherapeut. Is krachttraining belangrijk? Ja. Krachttraining draagt bij aan de groei en instandhouding van spiermassa. Het kan daarnaast onderdeel zijn van een actieve leefstijl waarin je aandacht besteedt aan spieren, botten en dagelijkse belastbaarheid. Kunnen fyto-oestrogenen lichaamseigen oestrogeen vervangen? Nee. Fyto-oestrogenen zijn plantaardige stoffen en zijn niet hetzelfde als het oestradiol dat je lichaam produceert. Soja, peulvruchten en lijnzaad kunnen wel onderdeel zijn van een gevarieerd voedingspatroon. Heeft lichaamsgewicht invloed op je gewrichten? Je lichaamsgewicht is één van meerdere factoren die invloed kunnen hebben op de mechanische belasting van bijvoorbeeld knieën en heupen. Het is niet de enige factor. Richt je daarom vooral op brede gezondheidsdoelen, zoals: regelmatig bewegen; spierkracht opbouwen; gezond en gevarieerd eten; voldoende slapen; een leefstijl die je langdurig kunt volhouden. Is stijfheid na rust altijd artrose? Nee. Stijfheid na rust kan verschillende oorzaken hebben en is onvoldoende om zelf vast te stellen wat er aan de hand is. Blijft stijfheid aanhouden of wordt zij duidelijk sterker? Bespreek dit dan met een huisarts of fysiotherapeut. Wanneer is snelle medische beoordeling nodig? Laat een plotseling sterk pijnlijk, rood, warm en gezwollen gewricht snel beoordelen. Dat geldt ook wanneer je je tegelijkertijd ziek voelt of koorts hebt. Zoek daarnaast snel hulp wanneer je na een val bijvoorbeeld niet meer op een been kunt staan of een arm nauwelijks kunt gebruiken. Conclusie Sommige vrouwen merken tijdens de overgang veranderingen in hun spieren en gewrichten. Hormonale veranderingen kunnen mogelijk een rol spelen, maar zijn niet automatisch de enige verklaring. Ook leeftijd, dagelijkse belasting, spierkracht, beweging, slaap, stress en algemene gezondheid hebben invloed. Regelmatig bewegen, spierversterkende oefeningen, een gevarieerd voedingspatroon, voldoende eiwitten en voldoende herstel ondersteunen je algemene spier- en botgezondheid. Ook vitamine D en magnesium hebben normale functies in spieren en botten, maar deze eigenschappen mogen niet worden vertaald naar de belofte dat een supplement specifieke gewrichtspijn tijdens de overgang oplost. Blijft pijn langere tijd aanwezig, wordt deze sterker of verandert een gewricht plotseling duidelijk? Bespreek dit dan met je huisarts. Meer algemene informatie over deze levensfase lees je in Menopauze: betekenis, veranderingen en alles wat je moet weten over de overgang. Disclaimer Deze informatie is bedoeld als algemene gezondheidsinformatie en vervangt geen persoonlijk advies van een arts of andere gekwalificeerde zorgverlener. Trek op basis van deze informatie geen zelfstandige conclusies over je persoonlijke gezondheid en wijzig medicatie of medische begeleiding niet zonder overleg met een gekwalificeerde zorgverlener. Neem bij vragen of zorgen over je gezondheid, medicatie of supplementen contact op met je huisarts of een andere gekwalificeerde zorgverlener. Bronnen Nederlands Huisartsen Genootschap. NHG-Standaard De overgang. Huidige online versie, geraadpleegd augustus 2026. https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/de-overgang National Institute for Health and Care Excellence. Menopause: identification and management. NICE Guideline NG23. Laatst beoordeeld 15 april 2026. https://www.nice.org.uk/guidance/ng23 Hamoda H, et al. A systematic review and critical appraisal of menopause guidelines. BMJ Sexual & Reproductive Health. 2024. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38336466/ Nederlands Huisartsen Genootschap. NHG-Standaard Artritis. Huidige online versie, geraadpleegd augustus 2026. https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/artritis Shojaa M, et al. Exercise training and bone mineral density in postmenopausal women: an updated systematic review and meta-analysis of intervention studies. Osteoporosis International. 2023;34:905–919. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/36749350/ Hormonal Shifts and Structural Strain: A Literature Review of Menopause and Musculoskeletal Injury Risk. 2026. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/42332940/

Lees meer